Rechten en plichten van ouders

Tegenover uw kinderen heeft u bepaalde plichten, maar ook rechten. Het recht om voor hen beslissingen te nemen over het beheer van hun bezittingen, bijvoorbeeld. Belangrijke beslissingen mag u nemen zolang ze niet meerderjarig zijn. Belangrijke keuzes maakt u in overleg met de andere ouder. Raakt u het niet met elkaar eens, dat moet u soms naar de rechtbank stappen. Maar u hebt ook verantwoordelijkheden. Zo zal u meestal aansprakelijk worden gesteld voor de eventuele financiële gevolgen van wat uw kind heeft uitgespookt.

Dat is ook het geval als u een kind adopteerde.

  1. Uw kinderen hebben een aantal rechten die voor u als ouders plichten zijn:

    • recht op affectieve en materiële veiligheid
    • recht op onderwijs: het recht om naar school te gaan
    • recht op onderdak, voeding, kledij
    • recht op respect

    •  

    Meer informatie over de rechten van kinderen leest u op deze website.

    Sommige van die rechten lopen ook na de 18de verjaardag van het kind door, wanneer het financieel nog niet op eigen benen staat. Zo heeft het kind nog steeds recht op huisvesting, voeding en kledij. Op voorwaarde, natuurlijk, dat alles redelijk blijft. Als uw kind eindeloos blijft studeren, enkel en alleen om op uw kosten te kunnen leven, zal een rechtbank dat anders beoordelen dan wanneer het kind een beroepsgerichte opleiding volgt.

    Uw kind kan naar de jeugdrechter stappen als het vindt dat zijn rechten niet worden gerespecteerd.

    Welke rechten heeft u ten opzichte van uw kinderen?

    U heeft recht op respect. En het recht om uw kind te verplichten naar school te gaan en bij u te wonen zolang het minderjarig is. Als u later behoeftig bent, moet uw kind u alimentatie betalen (meer informatie leest u op deze website).

  2. Een kind jonger dan 18, mag niet veel doen zonder uw toestemming. Het mag  geen betalingen verrichten waarvoor een handtekening nodig is, geen leningen of verzekeringen afsluiten,…

    Vanaf de leeftijd van 18 jaar is uw kind meerderjarig: de wet beschouwt het als volwassene. Het mag nu zelf contracten ondertekenen, bezittingen beheren en uitgaven doen. U bent niet langer aansprakelijk. Begaat het een misstap, dan moet het zich voor de volwassenenrechtbank verantwoorden.

    Daarnaast zijn er de ontvoogde minderjarigen. Zij zijn jonger dan 18, maar mogen bepaalde juridische handelingen stellen zonder toestemming van een volwassene. De jeugdrechter beslist over een eventuele ontvoogding. Getrouwde minderjarigen zijn ook ontvoogd. Meer informatie over ontvoogding en de gevolgen ervan, leest u op deze website.

  3. Wie een kind opvoedt, moet voortdurend allerlei beslissingen over dat kind nemen: de schoolkeuze, het al dan niet lid worden van een jeugdbeweging of sportclub, de inschrijving in zomerkampen,…

    Ook over de bezittingen van het kind moet worden beslist. Stel dat uw zoon van zijn grootouders geld erfde. Dan moet u als ouders dat geld voor hem beheren.

    Vooral jonge kinderen kunnen zelf nog niet beslissen. Daarom doen de ouders dat voor hen, meestal de twee ouders samen. We spreken dan over gezamenlijk ouderlijk gezag.  

    Gezamenlijk ouderlijk gezag

    De ouders nemen samen de beslissingen tot het kind meerderjarig is of ontvoogd wordt. Ze beslissen, bijvoorbeeld, samen naar welke school ze het kind sturen. Iedereen die u met betrekking tot het kind contacteert, mag ervan uitgaan dat de beslissingen die u hen meedeelt beslissingen zijn die u samen nam. Als u uw kind in een school gaat inschrijven, mag de directeur van die school veronderstellen dat de andere ouder het eens is met die schoolkeuze. Hij moet u, noch uw partner om bevestiging vragen. Tenzij hij weet dat u en uw partner het over de schoolkeuze niet eens zijn, natuurlijk!

    Alle belangrijke beslissingen over niet-dagelijkse dingen nemen ouders samen of tenminste met het stilzwijgend akkoord van de ander. Dat is ook het geval als de ouders niet samenwonen. Meer informatie over de uitoefening van het ouderlijk gezag na scheiding van de ouders, leest u elders op deze website.

    Kleine, dagelijkse beslissingen kunnen ouders nemen zonder toestemming van de ander. Dergelijke beslissingen vallen niet onder het ouderlijk gezag.

    Exclusief ouderlijk gezag

    In uitzonderlijke gevallen kan de rechter het ouderlijk gezag uitsluitend aan een van beide partners toewijzen, en dat voor alle of voor bepaalde handelingen. Die ouder beslist dan alleen over het kind.

  4. Na de dood van zijn peter heeft uw zoon geld geërfd. Wie gaat dat geld beheren? Wie beslist hoe en waar het geld wordt belegd?

    Als ouders moet u dat geld in het belang van het kind beheren en beleggen. Hebben de ouders samen het ouderlijk gezag, dan moeten ze het geld ook samen beheren. Let op: u mag het geld niet gebruiken en u moet het aan uw kind teruggeven als dat 18 wordt. 

    U mag wél de inkomsten eruit gebruiken. Heeft uw kind, bijvoorbeeld, een huis geërfd, dan moet u dat onderhouden en mag u het niet verkopen. U mag het wel verhuren en het huurgeld besteden zoals u zelf wil. Om het huis te onderhouden, bijvoorbeeld, maar dat hoeft niet. U mag ook zelf in het huis gaan wonen, zonder huur te betalen. Wil u het huis toch verkopen, dan moet u daarvoor de toestemming  van de jeugdrechter krijgen. De toestemming van de jeugdrechter is ook nodig om een erfenis te kunnen aanvaarden of weigeren, om bezittingen van een minderjarige in pand te geven of om een huis op naam van het kind te kunnen kopen. Er zijn dus heel wat handelingen waarvoor ouders de toestemming van de rechter moeten vragen.

    Ouders kunnen dus wel de inkomsten gebruiken, tenzij hen dat werd verboden. Misschien heeft de peter het in zijn testament aan de ouders expliciet verboden de inkomsten uit de erfenis te gebruiken. Werd het geld op een spaarrekening geplaatst, dan mogen de ouders de intresten niet innen. Werd het geld in aandelen belegd, dan mogen de ouders de dividenden niet gebruiken. Ouders mogen in geen geval gebruik maken van de inkomsten uit arbeid van hun kinderen.

    Hoe die kwestie na een scheiding wordt geregeld, leest u elders op deze website.

  5. Raakt u het met uw partner niet eens over de schoolkeuze of over de belegging van het geld dat uw kind erfde? Als u elk bij uw standpunt blijft, is er sprake van een reëel en onoplosbaar conflict. Wie zal uiteindelijk beslissen over naar welke school uw kind gaat of over de manier waarop het geld moet worden geïnvesteerd?

    Die beslissing zal door de jeugdrechter worden genomen, in het belang van het kind.

    Vóór u naar de jeugdrechter stapt, kan u een beroep doen op gezinsbemiddeling. Een bemiddelaar neemt geen beslissing, en tracht de partners niet te beïnvloeden. Hij luistert naar de argumenten van beide partners en stelt de juiste vragen. Zo kan u misschien de situatie uitklaren. Soms is dat voldoende en vermijdt u zo een procedure voor de jeugdrechtbank.

  6. Er zijn twee adoptieformules: eenvoudige adoptie en volle adoptie

    Er zijn ook specifieke gevallen. Zo kan de adoptie door een buitenlandse rechter worden uitgesproken, kan een kind in België worden geregulariseerd én is ook een adoptie boven de 18 jaar mogelijk. Daarover leest u meer op de website van de Federale Overheidsdienst Justitie.

    Volle adoptie

    Volle adoptie snijdt alle banden met het oorspronkelijke gezin door. Het adoptiekind wordt door de adoptieouders beschouwd als hun eigen kind, met dezelfde rechten en plichten als een kind waarvan ze de biologische ouders zouden zijn.

    Het kind draagt de naam:

    • van de adoptievader als het door een man en een vrouw wordt geadopteerd
    • van de adoptieouder als het door één persoon wordt geadopteerd
    • van een van beide adoptieouders als die van hetzelfde geslacht zijn
       

    Eenvoudige adoptie

    De eenvoudige adoptie:

    • maakt het kind verwant met de adoptieouders: voor de naam zijn de regels hetzelfde als voor volle adoptie. Er is één nuance: de adoptieouders kunnen de rechtbank (de jeugdrechtbank als het kind minderjarig is, de Rechtbank van Eerste Aanleg als het kind meerderjarig is) vragen om het kind zijn oorspronkelijke naam te laten behouden, gevolgd of vooraf gegaan door de nieuwe naam.
    • houdt de band met de biologische ouders in stand. Indien die op een dag behoeftig worden, heeft de geadopteerde tegenover zijn biologische ouders dezelfde plichten als tegenover zijn adoptieouders en moet hij dus in zekere mate in hun behoeften voorzien. Een geadopteerde kan zowel van zijn adoptieouders als van zijn biologische ouders erven.
       

    Meer informatie over de adoptieprocedures, de voorwaarden waaraan u moet voldoen om een kind te kunnen adopteren en de gevolgen van een adoptie, leest u op deze website. U vindt hier ook alle nuttige adressen bij de federale overheid en bij de Gemeenschappen.