Zakgeld

Over zakgeld ontstaan veel discussies en conflicten. Vaak wordt er vergeleken met wat vriendjes krijgen. Het voordeel van zakgeld? Het leert kinderen op kleine schaal met geld omgaan. Maar het krijgen van zakgeld is geen recht van het kind. Ouders kunnen zelf kiezen of ze een klein of groter bedrag geven.

Op welke leeftijd geeft u uw kind zakgeld? Hoe vaak? In een spaarvarken of op een rekening? Het is hoe dan ook belangrijk om kinderen er bewust mee te leren omgaan en niet altijd het ontbrekende bedrag bij te passen.

  1. Al van bij hun geboorte krijgen kinderen geld als geschenk : iedereen die het goed voor heeft met zijn kleinkind of pete- of metekind, voelt zich geroepen om mee te bouwen aan het spaarvarken “voor later” en geeft graag een bankbiljet cadeau. Het is niet aangeraden om dat geld in huis te houden. Maar loont het om een jongerenspaarrekening te openen en wat zijn de gevolgen als u er een opent op naam van uw kind?
     
    Vanaf welke leeftijd kan u een rekening openen voor een kind?
     
    Dat kan vanaf elke leeftijd. Er zijn banken die babyrekeningen aanbieden: dat zijn rekeningen die kunnen geopend worden vanaf 3 maanden voor de geboorte. Zo’n rekening blijft  dan op naam van de ouders tot de baby geboren wordt, waarna het een gewone jongerenrekening op naam van het kind wordt. Bij andere banken kan een rekeningnummer gereserveerd worden vóór de geboorte van het kind. De rekening wordt dan geopend bij de geboorte. Op die rekening kunnen peter en meter, grootouders en andere familie geld storten. 
     
    Loont een jongerenspaarrekening?
     
    Brengt een jongerenrekening meer op dan een gewone spaarrekening? Dat hangt af van bank tot bank. Onze spaarsimulator levert een exacte vergelijking van wat de spaarrekeningen van bijna alle Belgische banken opleveren; hij is bovendien eenvoudig te hanteren. U kan dus beter voor uzelf uitmaken of een jongerenrekening bij uw bank meer oplevert dan een “gewone” spaarrekening: klik hier, vink bij “jongerenrekening” de keuze “ja” aan en vergelijk het resultaat met de resultaten wanneer u “neen” aanvinkt. U zal merken dat de resultaten dikwijls ongeveer dezelfde zijn; maar bij sommige banken leveren jongerenrekeningen toch meer op.
     
    Kunnen ouders geld afhalen van de rekening van hun kind?
     
    Het antwoord op die vraag is “ja”.Maar het kan enkel als de ouders het geld gebruiken in het belang van hun kind. Komt er dan geen vrederechter aan te pas om geld af te halen van de rekening van uw kind, zoals u wel al eens zal gehoord hebben? Als ouders goederen van hun kinderen willen verkopen of weggeven, moet de vrederechter daarvoor eerst de toestemming geven; dat is bv. het geval wanneer een kind een huis zou geërfd hebben van een grootouder en de ouders dat huis willen verkopen. Die verplichting bestaat niet als u  geld wil afhalen van een rekening op naam van uw kind om het geld in het belang van het kind te gebruiken. Zo kan u er iets mee kopen voor het kind, er zijn studies mee betalen of gewoon het geld op een rekening plaatsen die meer opbrengt dan de rekening waarop het staat. De bank kan zich in twijfelgevallen verzetten tegen het opnemen van geld van de rekening van een kind, maar die gevallen zijn zeer zeldzaam.  Wanneer een kind 18 jaar is geworden, kan het de terugbetaling eisen van geld dat de ouders voor zichzelf zouden hebben gebruikt.
    En wanneer het niet meer botert tussen de ouders?
     
    Beide ouders kunnen apart geld afhalen van de rekening van het kind. De bank gaat ervan uit dat ieder van de ouders instemt met wat de andere ouder doet. Als één van beide ouders twijfelt aan de ander, moet die dat melden aan de bank. Van zodra de bank twijfelt aan het akkoord van de andere ouder, moeten beide ouders samen optreden. Als de ouders niet samen het gezag over het kind uitoefenen, dan kan alleen de ouder die het gezag uitoefent het geld van het kind beheren.
     
    Vanaf welke leeftijd kunnen kinderen geld afhalen van hun rekening?
     
    Wie minstens 18 jaar oud is, kan vrij beschikken over het geld zijn rekening. Vanaf 16 jaar kunnen jongeren geld afhalen van hun rekening, tenzij hun ouders zich daartegen verzetten. Vóór die leeftijd kunnen kinderen enkel geld van hun rekening  halen met toestemming van de ouders. De meeste banken bieden wel een jongerenbankkaart aan vanaf 12 jaar. De ouders kunnen zelf bepalen hoeveel hun kind per dag of per week kan afhalen met die kaart. 
     
    Wat kan u doen als u bang bent dat uw kind op zijn 18e alle spaargeld erdoor zal jagen? 
     
    Het gebeurt niet zelden dat een kind op zijn 18e een reuzefuif organiseert of op een andere manier al zijn spaargeld op korte tijd opdoet. Als de rekening op naam van het kind staat, kan het vanaf zijn 18e vrij beslissen over zijn geld. Als ouder kan u zich daar niet tegen verzetten. Hou daar rekening mee.
     
    Wil u toch de controle houden? Spaar dan voor het kind,  zonder het geld op zijn naam te zetten. Op een afzonderlijke rekening op naam van de ouders dus. Men kan ook kiezen voor een combinatie van beide formules:
    • een rekening op naam van de ouders met het geld voor de grote uitgaven, zoals studies of een woning; en
    • een rekening op naam van het kind voor het gedeelte waarmee het vrij kan omspringen.
  2. Via zakgeld leert uw kind op kleinere schaal met geld omgaan. Uw kind ontdekt de waarde van geld, leert keuzes maken, krijgt een idee van wat een budget is en gaat beseffen dat het moet sparen om later iets groters dan snoepjes te kunnen kopen. Als het fouten maakt, is dat niet erg. In ieder geval minder erg dan wanneer een volwassene met hogere bedragen foute financiële beslissingen neemt.

    Via zakgeld kunnen jongeren dus heel wat leren.

  3. Kinderen hebben bepaalde rechten: het recht op huisvesting, op voedsel, op kleding, op bescherming, op onderwijs,… Als het kind met u onder één dak woont, worden die rechten bijna vanzelf gerespecteerd: uw kind leeft met u samen, u eet samen en u koopt de nodige kledij en schoolbenodigdheden. Woont het kind ergens anders, dan worden die rechten vertaald in een som geld: de alimentatie.

    Toch kan uw kind zijn recht op zakgeld niet afdwingen. U kan perfect beslissen om het geen zakgeld te geven. In dat geval kan u maar beter uitleggen waarom u liever geen zakgeld geeft.

  4. Niemand kan u vertellen op welke leeftijd uw kind voor het eerst zakgeld moet krijgen.

    Het is een goed idee om te wachten tot uw kind kan tellen. Doorgaans leert uw kind de eerste eenvoudige rekensommetjes in het eerste leerjaar. U zou dus kunnen beslissen om voor het eerst zakgeld te geven als uw kind naar de lagere school gaat. Het kan dan berekenen hoeveel geld het krijgt, hoeveel geld zijn lievelingssnoepjes kosten, hoeveel het overhoudt als het dat koopt,…

    Wekelijks of maandelijks?

    Voor een kind van zes of zeven jaar is een week al lang. Een maand lijkt wel een eeuwigheid! Voor een tiener kan het dan weer een hele uitdaging zijn om te leren een maandbudget te beheren…

  5. Alles hangt af van de leeftijd van uw kind. Voor een kind van 7, betekent geld op de bank niet veel. De muntstukken die u geeft, zijn wel heel concreet.

    Een spaarrekening, hoe bescheiden ook, kan een goed idee zijn om op lange termijn te sparen, en voor de grotere bedragen die uw kind, bijvoorbeeld, voor zijn verjaardag krijgt. Vanaf de leeftijd van ongeveer 12 jaar is de opening van een zichtrekening interessant.

    Een jong kind kan u muntstukken van uiteenlopende waarden geven om de verschillen ertussen uit te leggen. Zo leert uw kind de muntstukken herkennen, de waarden bij elkaar optellen en begrijpen hoe geld werkt. Maak het omgaan met zakgeld voor uw kind liefst heel concreet. Wil uw kind er snoepjes mee kopen, ga dan samen naar de supermarkt. Laat het zelf snoepjes kiezen en ook zelf betalen. Op die manier leert het zelf een budget beheren. En precies daarom geeft u zakgeld: om uw kind de waarde van geld duidelijk te maken en het te leren een budget te beheren.

    Tieners betalen hun uitgaven vaak met hun bankkaart: een film, een gsm-abonnement en allerlei courante uitgaven. Als ze hun eigen rekening hebben, leren ze die ook gebruiken en, bijvoorbeeld, rekeninguittreksels ontcijferen. Ze kunnen ook geld overschrijven naar hun spaarrekening en maken zo kennis met intrest en het kapitaliseren daarvan. Intrest die op de rekening blijft staan, wordt bij het bedrag op de rekening geteld en levert zo opnieuw intrest op.

  6. Toen uw kind uit school kwam, zei het dat het te weinig zakgeld kreeg. Een vriendje beweerde dat het precieze bedrag van het zakgeld voor iedere leeftijd is vastgelegd. Klopt dat?

    Nee, dat klopt niet. Ouders mogen zelf kiezen of ze hun kind geven, en hoeveel; of uw kind dat nu leuk vindt of niet!

    Hoeveel u geeft, hangt af van de leeftijd van uw kind, uw inkomen en wat uw kind met zijn zakgeld moet betalen. Die bedragen werden nergens vastgelegd.

    Er verschijnen wel geregeld studies over het zakgeld dat kinderen per leeftijdscategorie krijgen. De bedragen in die studies zijn slechts gemiddelden: sommige kinderen krijgen méér, andere kinderen minder.

    In België heeft het Onderzoeks- en Informatiecentrum van de Verbruikersorganisaties (OIVO) een grote enquête rond zakgeld uitgevoerd waarbij 3.000 jongeren werden ondervraagd. Zo krijgen we een idee van de gebruikelijke bedragen.

    Hoeveel zakgeld per week? 10 jaar 11 jaar 12 jaar 13 jaar 14 jaar 15 jaar 16 jaar 17 jaar
    1.500 euro (bruto maandinkomen ouders) 3,1 3,8 4,5 5,8 6,2 6,4 6,5 6,9
    2.500 euro (bruto maandinkomen ouders) 5,7 6,2 6,4 6,9 7,1 10,1 12,3 14,3
    4.000 euro (bruto maandinkomen ouders) 4,2 4,9 5,2 6,3 8,2 10,0 13,3 16,6

    Bron: OIVO, enquête zakgeld 2011 (in euro)

    Wel bedrag u ook geeft, leg uw kind uit waarom u niet meer geeft en bijvoorbeeld hoeveel uur u voor dat bedrag moet werken. Maak samen met uw kind een maandbudget op. Zo gaat het beseffen dat elke cent die het vraagt gevolgen kan hebben voor het gezinsbudget.

  7. In principe geeft u uw kind zakgeld om het te leren hoe het met geld moet omgaan. En dat ongeacht zijn leeftijd. Alles begint met heel eenvoudige dingen, zoals: het kopen van snoep. Later gaan andere uitgaven deel uitmaken van het budget: kledij, uitstapjes,…

    Een kind dat zakgeld krijgt, leert de waarde van het geld kennen.

    Leg uw kind uit:

    • dat het geld dat u geeft niet aan de bomen groeit, maar dat u daarvoor heeft gewerkt, en dat u het nu uit uw portefeuille haalt om het hem of haar te geven. Elders op deze website vindt u trouwens meer informatie over het beheren van een huishoudbudget.
       
    • dat het niet al het geld dat het krijgt hoeft uit te geven.
       
    • dat het het geld ook kan sparen om er later iets groters mee te kopen dan snoep. Wil u dat principe voor een jonger kind duidelijk maken, zoek dan samen een realistisch doel dat het in enkele weken bijeen kan sparen. Overloop geregeld samen hoeveel uw kind al spaarde en hoeveel geld het nog tekort heeft.

    Vertel uw kind ook dat het op een spaarrekening intrest krijgt op het gespaarde bedrag.

    Laat uw kind zijn zakgeld alleen beheren. Geef wel enkele tips, uitleg en advies over het beheer en het gebruik ervan. Help uw kind om te bepalen welke behoeften de belangrijkste zijn.

  8. Zakgeld is de eerste stap naar budgetbeheer. Gaf uw kind al zijn zakgeld uit, dan is het afgelopen. Het moet dan tot de volgende week of maand wachten om opnieuw geld te kunnen uitgeven. Zo leert u uw zoon of dochter om keuzes te maken. Heeft uw kind nooit genoeg geld? Overloop samen de uitgaven. Moet het te veel dingen van het zakgeld betalen, dan geeft u voortaan beter iets meer in plaats van het systematisch extraatjes toe te stoppen.

  9. Sparen of beleggen om een kind later een duwtje in de rug te geven, is een goed idee. Maar veel ouders of grootouders zitten met vragen. Hoe zorg ik ervoor dat het geld terecht komt bij het (klein)kind dat ik aanduid? Hoe vermijd ik dat het kind op zijn of haar 18e verjaardag het spaarpotje er volledig doorjaagt? Hoe kan ik als grootouder ervoor zorgen dat (één van) de ouders het geld niet voor zich houdt? We trachten een antwoord te geven op deze vragen.

    De verschillende mogelijkheden

    Sparen op een spaarrekening is veilig en iedereen kent het. Onze Wikifin.be Spaarsimulator toont je de hoogste rendementen op jongerenspaarrekeningen. We verklappen geen geheim als we stellen dat een spaarrekening bijna niets meer opbrengt. Wie wat meer risico aanvaardt, kan door te beleggen een hoger rendement nastreven.

    Beleggen gebeurt altijd op een effectenrekening. Dat is een rekening die enkel dient om aandelen, fondsen, … op te bewaren. Wanneer je voor jouw kind of kleinkind belegt, zal dat dus steeds op een effectenrekening moeten gebeuren.

    Als je spaart of belegt, kan je daarbij kiezen tussen een spaar- of effectenrekening op je eigen naam, op naam van het kind of een rekening “met derdenbeding”.

    De voor-en nadelen van de verschillende formules

    Een spaar- of effectenrekening op jouw eigen naam:

    + Je behoudt de volledige controle. Wanneer je dringend geld nodig hebt, kan je dat van de spaarrekening nemen of effecten verkopen en het geld van de rekening nemen;

    + je geeft het geld wanneer jij vindt dat je (klein)kind er klaar voor is;

    - het voelt niet aan alsof je spaart voor een bepaald (klein)kind;

    - als je na het schenken van het geld of beleggingen binnen de drie jaar overlijdt, moet het kind op de schenking successierechten betalen;

    - bij vroegtijdig overlijden is er geen zekerheid dat het geld bij het aangeduide kind terecht komt. Het kapitaal valt in de algemene nalatenschap en er moeten successierechten op betaald worden.

    Een spaar- of effectenrekening op naam van het (klein)kind:

    + Je hebt de zekerheid dat het geld bij je (klein)kind terecht komt;

    + het geld valt buiten je nalatenschap in geval je voortijdig overlijdt. Enkel de stortingen van de laatste drie jaar voor het overlijden komen in de nalatenschap terecht;

    - als je de ouder van het kind bent, is het moeilijk om geld van een spaarrekening te halen of effecten te verkopen bij bv. financiële moeilijkheden. Vooraleer te kunnen verkopen moet je aantonen dat dit in het belang van jouw kind gebeurt;

    - vanaf de 18e verjaardag van het (klein)kind verlies je elke zeggenschap over de rekening.

    Een spaar- of effectenrekening met een derdenbeding:

    Er bestaat een tussenoplossing: een spaar- of effectenrekening met een derdenbeding ten voordele van het kind of kleinkind dat je aanduidt.

    Bij de opening van een rekening op jouw eigen naam, wijs je een derde begunstigde (het kind) aan. Je geeft ook een datum op waarop het kapitaal de begunstigde toekomt. Bv. op 18-jarige leeftijd of later. Je kan vóór de vervaldatum zowel de einddatum als de begunstigde veranderen, of zelfs geld van de rekening halen. Op de vervaldag schenk je dan het geld of de beleggingen definitief aan het aangeduide kind en kan je niet meer ingrijpen.

    + Deze formule biedt zekerheid over de begunstigde en je kan het ogenblik waarop het kind het geld krijgt zelf vastleggen;

    + het blijft een rekening op jouw naam. Je kan er dus steeds geld afhalen;

    - bij vroegtijdig overlijden zal de begunstigde successierechten moeten betalen. De rekening zal dan geblokkeerd worden tot op de vooraf aangeduide leeftijd van het (klein)kind;

    - wanneer je binnen de drie jaar na de einddatum van de rekening overlijdt, zijn er ook successierechten verschuldigd, want je hebt de beleggingen via een schenking weggegeven.