Een carrière op eigen maat

Iedere loopbaan is uniek. Niet iedereen werkt voltijds. Sommigen kiezen bewust voor deeltijds werk. Anderen moeten buiten hun wil om deeltijds werken. Op een bepaald moment voel je je misschien uitgeblust en zoek je een nieuwe uitdaging. Dat kan bijvoorbeeld door een nieuwe job te zoeken of als vrijwilliger aan de slag te gaan. Anderen nemen een duik in het onbekende en kiezen voor een job in het buitenland.

Je wilt het over een compleet nieuwe professionele boeg gooien? Toch eerst even nadenken hoe je daaraan begint. 

  1. Geen idee hoe eraan te beginnen? Volg loopbaanbegeleiding.

    Als je je niet goed voelt in je job en je bent niet zeker hoe je professioneel te heroriënteren, dan kan je loopbaanbegeleiding volgen. Dat gebeurt bij één van de loopbaancentra in het Vlaamse Gewest.

    Loopbaanbegeleiding ondersteunt je bij beslissingen die te maken hebben met je loopbaan. Je denkt na over jouw werk, de toekomst, de combinatie werk en gezin, … Je spreekt over alle facetten die een invloed kunnen hebben op je carrière. Loopbaanbegeleiding volgen is nooit verplicht, maar het kan zeker helpen indien je met vragen zit over je loopbaan.

    Volg je loopbaanbegeleiding bij een erkend loopbaancentrum? Dan kan je betalen met loopbaancheques.
    Voor meer informatie over loopbaanbegeleiding kan je terecht bij de VDAB.

    De zoektocht naar een (andere) job

    Een job zoeken kan op verschillende manieren.

    • Reageren op een openstaande vacature: de meeste werkgevers plaatsen hun openstaande vacatures op hun eigen websites. Je kan solliciteren via mail of online.
    • Spontaan solliciteren: je schrijft bedrijven waarvoor je graag wil werken rechtstreeks aan. In je cv en motivatiebrief leg je uit waarom je graag voor dat bedrijf wil werken.
    • Via de regionale diensten voor arbeidsbemiddeling (VDAB in Vlaanderen, ACTIRIS in Brussel, FOREM in Wallonië en ADG in de Duitstalige Gemeenschap): niet alleen vind je er een groot aantal vacatures. Je kan er ook terecht voor hulp bij het opstellen van je cv en motivatiebrief. Daarnaast helpen ze ook een sollicitatiegesprek voor te bereiden. Om je kansen op werk te verhogen, kan je informatie inwinnen bij de verschillende gewestelijke diensten.
    • Jobbeurzen bezoeken: Op zulke beurzen kom je rechtstreeks in contact met je mogelijk toekomstige werkgever.
    • Je inschrijven bij een interimkantoor: ze hebben zicht op openstaande jobs, zowel voor vaste contracten als voor interimcontracten. Ze geven ook meer info over de arbeidsmarkt in het algemeen.
    • Reageren op een (online)advertentie: meer en meer bedrijven rekruteren via social media. Denk maar aan het erg succesvolle LinkedIn, waarop veel vacatures te vinden zijn. LinkedIn is een online netwerk voor werknemers en bedrijven waarop je je cv en informatie over je loopbaan kan delen. Uiteraard vind je ook in de klassieke media nog steeds jobaanbiedingen.
    • Spreek met je netwerk: informeer vrienden en familie dat je op zoek bent naar een nieuwe job. Misschien zagen zij een jobaanbieding die jij net gemist hebt. Of ze weten waar er een nieuwe collega gezocht wordt. Je krijgt vaak makkelijker een eerste afspraak als je door een kennis geïntroduceerd werd.
       

    Je kan ook zelfstandige worden. Meer info over werken als zelfstandige.

    Wil je aan de slag in de publieke sector, dan moet je solliciteren bij Selor. Als federale overheidsdiensten nieuwe mensen aanwerven, doen ze vaak een beroep op Selor.

    Werken en studeren: een ideale combinatie! Of toch niet?

    Ervaring is zeer waardevol in de zoektocht naar een nieuwe job. Maar vaak heb je ook het juiste diploma nodig om een professionele deur te openen. Daarom kan het nuttig zijn opnieuw te gaan studeren.

    Studieverlof

    Voor het merendeel van de werknemers uit de privésector bestaat onder andere het betaald educatief verlof: dat geeft je recht op vakantiedagen met (deels) behoud van je loon, als je een erkende opleiding volgt.

    Enkele vuistregels in verband met betaald educatief verlof (BEV):

    • Je kan er recht op hebben indien je werkt in de privé sector;
    • Je moet minstens 4/5de werken (hierop bestaan uitzonderingen);
    • Je moet ofwel een beroepsopleiding of een algemene opleiding volgen die recht geven op betaald educatief verlof;
    • De duur van het verlof is afhankelijk van het aantal uren opleiding die je volgde;
    • De werkgever kan betaald educatief verlof niet weigeren, maar de planning van de vakantiedagen moet in overleg met de werkgever gebeuren.
       

    Er bestaat een vergelijkbare regeling voor ambtenaren: het vormingsverlof. Ambtenaren die een opleiding volgen buiten de overheid en toestemming kregen van hun leidinggevende, krijgen maximum 120 uren per jaar vrijaf om een opleiding te vormen. Informeer je hierover bij je personeelsdienst.

    Als je interesse hebt in studieverlof, bevraag je hierover zeker bij je personeelsdienst of je vakbond. Zij kunnen je vertellen of je in aanmerking komt voor deze specifieke verlofregeling.

    Tips rond werken en studeren

    Enkele tips om de combinatie werken en studeren slaagkansen te geven:

    • Er zijn tal van manieren om werken en studeren te combineren. Aan verschillende hogescholen en universiteiten kan je flexibel studeren door een geïndividualiseerd programma samen te stellen. De VDAB organiseert meer praktisch gerichte opleidingen.
    • Om je kansen op een job te vergroten, kan studies volgen die je voorbereiden op een knelpuntberoep. Knelpuntberoepen zijn beroepen waarvoor werkgevers het moeilijk hebben om geschikte medewerkers te vinden. De RVA publiceert jaarlijks welke studies de grootste kans op werk bieden. De VDAB publiceert jaarlijks een lijst van de knelpuntberoepen in Vlaanderen.
    • Je kan misschien beroep doen op opleidingscheques. Daarmee betaal je een deel van je inschrijvingskosten. Je kan ze aankopen bij de VDAB.
       
  2. Niet iedereen werkt voltijds. Sommigen kiezen ervoor om altijd of gedurende een bepaalde periode minder of niet te werken. De redenen hiervoor zijn divers: kinderen opvoeden, een ziek familielid bijstaan, … Er bestaan verschillende mogelijkheden. Als de zaken bij je werkgever minder goed lopen, kan je ook gedwongen worden om tijdelijk minder of niet te werken.

    Deeltijds werken

    Om deeltijds te werken, moet je als werknemer minimaal 1/3de van een voltijdse job uitoefenen. Eén derde-arbeidsregeling betekent dat je ongeveer +/- 13 uur per week werkt. Als je deeltijds werkt, ben je nog steeds volledig onderworpen aan de regels van de sociale zekerheid.
    Wie deeltijds werkt, heeft recht op jaarlijkse vakantie in verhouding tot het gepresteerde werk.

    Wie kiest voor deeltijds werk, weet natuurlijk dat het loon lager zal zijn dan bij een voltijdse job. Maar pas op. Deeltijds werken verlaagt ook je wettelijk en aanvullend pensioen. Want het pensioen waarop je recht hebt, staat in verhouding tot de arbeid die je presteerde.

    Meer algemene info over deeltijdse arbeid is terug te vinden op de webstek van de RVA. In het arbeidsreglement van je werknemer vind je ook meer informatie. Je kan met je vragen hierover ook terecht bij je personeelsdienst.

    Tijdskrediet en loopbaanonderbreking

    Het grootste aantal deeltijdwerkers bij werknemers kiest voor zo’n arbeidsregeling om persoonlijke of familiale redenen. In de publieke sector kan dat eventueel via loopbaanonderbreking en in de privésector via tijdskrediet.

    Niet iedereen heeft het recht om loopbaanonderbreking of tijdskrediet op te nemen. Informeer je hierover bij je personeelsdienst of de RVA.

    Tijdskrediet en loopbaanonderbreking zijn beperkt in de tijd. Je kan tijdskrediet en loopbaanonderbreking in één keer opnemen of gedeeltelijk. Je kan dus een bepaalde periode niet werken, maar eveneens 4/5de of halftijds werken tijdens een bepaalde periode.

    Bepaalde periodes van loopbaanonderbreking of tijdskrediet tellen mee voor de berekening van je pensioen. Mocht je wat minder willen werken, loont het dus om te informeren of je in aanmerking komt voor tijdskrediet of loopbaanonderbreking. Zo kan je de impact op je pensioen beperken.
    Meer info over het gevolg op je wettelijk pensioen, vind je op de RVA-website.

    Thematische verloven: ouderschapsverlof, verlof voor medische bijstand en palliatief verlof

    Er bestaan ook thematische verloven: ouderschapsverlof, verlof voor medische bijstand en palliatief verlof.

    Ouderschapsverlof is niet te verwarren met het moederschaps- of vaderschapsverlof waarop je recht hebt bij de geboorte of adoptie van een kindje. Ouderschapsverlof geeft de mogelijkheid om tijdelijk minder of niet te werken zodat je jouw jong(e) kind(eren) kan opvoeden. Je kan 4 maanden ouderschapsverlof opnemen voor elk kind dat nog geen 12 jaar oud is.

    Verlof voor medische bijstand biedt de mogelijkheid om tijdelijk minder of niet te werken om een zwaar ziek familielid te verzorgen.

    Palliatief verlof biedt de mogelijkheid om even het dagelijkse werk op te schorten om tijdelijk palliatieve zorgen te verstrekken. Met palliatieve zorgen bedoelt men zorgen voor ongeneeslijk zieke personen in de laatste terminale fase van hun leven.

    Tijdelijk werkloos om economische redenen

    Gaan de zaken bij je werkgever slecht? Hij hoeft niet onmiddellijk drastisch te reageren met ontslag. Hij kan misschien gebruik maken van tijdelijke werkloosheid om economische redenen. De werkgever mag een groep werknemers tijdelijk niet of minder laten werken. Zo ben je als werknemer voor een bepaalde periode dus slechts deeltijds (of niet) aan het werken.

    Tijdens een periode van economische werkloosheid krijgen de werknemers een werkloosheidsvergoeding. Er is geen impact op het pensioen.

    De werkgever mag geen tijdelijke werkloosheid gebruiken als er geen kans op beterschap is voor zijn bedrijf, of omdat hij niet tevreden is over één of meerdere werknemers. Meer gedetailleerde info over tijdelijk werkloos om economische redenen.

  3. Flexi-jobs

    Sinds eind 2015 is er in de horeca sprake van de zogenaamde witte kassa. Ter compensatie van dat systeem werd het systeem van flexi-jobs en flexi-jobwerknemers opgezet. Dat systeem houdt in dat een horecawerkgever beroep kan doen op een flexibel inzetbare werknemer tegen een goedkoop tarief.

    Wie als werknemer minimum voor 4/5de werkt bij een andere werkgever dan een horeca-uitbater, kan tewerkgesteld worden in het kader van een flexi-job. Het flex-loon wordt onderling tussen de werknemer en horeca-uitbater/werkgever bepaald, maar mag niet onder het wettelijke minimum van 9,50 EUR gaan.

    Mantelzorg

    Mantelzorgers zijn mensen die zorgen voor een zorgbehoevende persoon uit hun directe omgeving. Mantelzorgers staan het dichtst bij de persoon die de zorgen nodig heeft: een partner, buurman of buurvrouw, broer, moeder, …

    Mantelzorg is een zeer ruim begrip. Sommige mensen hebben enkel nood aan praktische hulp. Denk maar aan het schoonmaken van het huis of boodschappen doen. Anderen zijn volledig aangewezen op hulp van anderen in het dagelijkse leven.

    Sommige gemeentes en provincies in Vlaanderen bieden mantelzorgers een mantelzorgpremie aan. Om je hierover te informeren, neem je contact op met de dienst Maatschappelijk Werk van je ziekenfonds, je provinciebestuur of je gemeentebestuur/OCMW.

    Vrijwilligerswerk

    Vrijwilligerswerk is een niet betaalde activiteit voor een organisatie die geen winst wil maken (vzw). Vrijwilligerswerk kan uiteenlopende taken inhouden: dierenopvang, helpen in een rusthuis, meehelpen bij jongerenwerking, … De mogelijkheden zijn legio.

    Let op indien je werkloos bent en vrijwilligerswerk doet. Vrijwilligerswerk kan een impact hebben op jouw werkloosheidsuitkering.
    Meer info hierover vind je op http://vrijwilligerswetgeving.be/.

    Als vrijwilliger word je niet betaald voor jouw werk, maar sommige organisaties vergoeden wel hun vrijwilligers voor gemaakte onkosten. Daarop moet je geen belastingen betalen wanneer ze binnen de wettelijk bepaalde normen blijven. Meer info over de fiscale regeling rond vrijwilligerswerk vind je op de webstek van FOD Financiën.

    
Als je een ziekte- of invaliditeitsuitkering krijgt, mag je enkel vrijwilligerswerk doen dat verenigbaar is met je gezondheidstoestand. Het is de adviserende geneesheer van het ziekenfonds die hierover beslist. Het RIZIV informeert hierover in detail.

    Lees meer algemene informatie over vrijwilligerswerk op http://www.wikifin.be/nl/levensmomenten/pensioenen/inkomen-en-werk-na-uw-pensioen

  4. Werken in het buitenland is een avontuur. Je overloopt best goed de do’s en don’ts vooraleer je vertrekt. Overweeg of je je hoofdverblijfplaats in België behoudt of niet. Die keuze heeft gevolgen voor je sociale zekerheid en je belastingen. Er komt ook behoorlijk wat administratieve rompslomp bij kijken.

    De VDAB wijdde een hele pagina aan werken in het buitenland, waarop niet alleen het nodige papierwerk aan bod komt, maar ook hoe je een job in het buitenland vindt.