Wat is het verschil tussen klassieke en Universal Life verzekeringen?

Bij de klassieke tak 21-verzekering ligt alles van tevoren vast: het bedrag van de premies, de data waarop die premies moeten worden betaald, het bedrag dat op eindvervaldag terugbetaald wordt. De beloofde intrestvoet ligt dus voor de volledige duurtijd van het contract vast, ook voor de toekomstige stortingen. Jaarlijks kan de verzekeraar een winstdeelname toekennen. Eens die is toegekend, kan de verzekeraar ze niet meer terugnemen.

Bij de verzekering "Universal Life" is niets van tevoren geregeld. U stort zoveel u wil en wanneer u wil. U weet dan ook niet wat u op de eindvervaldag zal terugkrijgen: dat zal afhangen van hoeveel u zult storten en van de intrestvoeten op die stortingen. Een "Universal Life" verzekering is dus best te vergelijken met een spaarrekening.

In tegenstelling tot de klassieke verzekeringen wordt het intrestpercentage bij de Universal Life dus niet gewaarborgd voor de premies die zullen betaald worden in de jaren nadat het contract is afgesloten. De intrestvoet geldt dus voor iedere storting afzonderlijk: vroegere en toekomstige stortingen kunnen een verschillende intrestvoet krijgen, namelijk de intrestvoet die geldt op het moment van de storting. Jaarlijks kan de verzekeraar een winstdeelname toekennen. Eens die is toegekend kan de verzekeraar die niet meer terugnemen.

Universal Life-producten zijn dus flexibel: u bepaalt zelf hoeveel en wanneer u wilt sparen. Zo kan u zelfs enkele jaren geen premies storten.