Verlies de inflatie niet uit het oog

Bij het beleggen mag je de inflatie niet uit het oog verliezen

Wil je geld opzij zetten om binnen enkele jaren een grote aankoop te doen zoals bv. een huis? Of om jouw wettelijk pensioen te kunnen aanvullen? Hou er dan rekening mee dat die grote aankoop binnen enkele jaren waarschijnlijk duurder zal zijn dan vandaag. En tegen dat je gepensioneerd bent, zal ook het dagelijks leven duurder zijn.

De prijzen van producten en diensten stijgen voortdurend. Die stijging noemt men inflatie. Een inflatie van 2 % per jaar betekent dat de gemiddelde prijzen op een jaar tijd met 2 % toenemen. En wat als jouw belegging je slechts 1,5 % intrest per jaar opbrengt? Dan kan je eigenlijk na een jaar met jouw spaargeld en de daarop verdiende intrest, minder kopen dan je vandaag zou kunnen. Het is niet gemakkelijk om beleggingen te vinden die je beschermen tegen inflatie.

Inflatie: wat is het en wat zijn gevolgen ervan? 

Wat is inflatie? 
 
Wanneer de prijzen voor de meeste goederen en diensten stijgen, spreekt men van inflatie. Het gevolg ervan is dat je voor hetzelfde geld minder kan kopen; jouw koopkracht daalt dus. Een brood dat 15 jaar geleden nog 1 euro kostte, kost er nu 2. Dus kan je met hetzelfde geld, 1 euro, nog maar een half brood kopen. Dit wordt ook wel geldontwaarding genoemd. Het tegengestelde van inflatie heeft deflatie, dat is de daling van het algemene prijspeil. 
 
Hoe wordt inflatie gemeten in België?
 
Iedere maand worden de prijzen genoteerd van een korf van goederen en diensten die door gezinnen worden aangekocht. Het indexcijfer van de consumptieprijzen geeft de evolutie van de prijs van de hele korf weer tussen een basisjaar en de laatste maand waarvoor de cijfers beschikbaar zijn. Misschien nog belangrijker dan de consumptieprijsindex is de gezondheidsindex: bij de berekening daarvan worden een aantal producten die de gezondheid schaden, zoals sigaretten en alcohol, niet in aanmerking genomen. Ook benzine en diesel zitten niet in de korf van de gezondheidsindex.
 
Je vindt meer informatie over de consumptieprijsindex op de website van Statbel.
 
Wat gebeurt er bij een stijging of een daling van de index?
 
In België zijn lonen, werkloosheidsuitkeringen, pensioenen, huurprijzen, onderhoudsgeld en heel wat andere inkomens en uitgaven gekoppeld aan de gezondheidsindex. Het ogenblik waarop de inkomens en uitgaven worden aangepast aan een indexstijging (of -daling), verschilt van inkomen tot inkomen. Meer uitleg over de aanpassingen aan de index en het tijdstip van de aanpassing van de volgende inkomens en uitgaven, vind je door erop te klikken:
Vormen inflatie of deflatie een probleem?
 
De essentie is: als de prijzen stijgen hebben mensen met een inkomen dat gekoppeld is aan de index (ook wel 'geïndexeerd' geheten) daar geen last van. De meeste inkomens in België zijn geïndexeerd. Intresten op spaarrekeningen, kasbons en obligaties zijn dat niet. 
 
Denk daaraan wanneer je erop rekent in de toekomst een deel van jouw inkomen te halen uit de intresten op jouw spaargeld en beleggingen. En zeker als die toekomst nog lang kan duren: Het grote bedrag dat je bijeen gespaard hebt voor jouw pensioen, zal binnen 30 jaar niet meer zoveel waard zal zijn als nu. Ook de opbrengst van dat spaarpotje kan hetzelfde lot ondergaan.
 
Inflatie is dus een probleem voor spaarders: als spaargeld minder opbrengt dan de inflatie, dan kan je er later minder voor kopen dan nu. Het is niet gemakkelijk om beleggingen te vinden die beschermen tegen inflatie. Als je wil weten wat inflatie met jouw spaargeld kan doen, kan je onze inflatietool gebruiken. Om je een idee te geven van een realistisch inflatieniveau dat je kan gebruiken in die tool: vanaf midden de jaren 80 van de vorige eeuw schommelt de inflatie rond de 2 % per jaar.
 
Voor wie schulden heeft, is inflatie gunstig: het bedrag dat een lener moet terugbetalen wordt steeds minder waard. Betaal je bv. maandelijks jouw hypothecaire lening af? Bij iedere loonsverhoging als gevolg van de indexering, wordt de aflossing van jouw lening een kleiner deel van jouw netto-loon.
 
In tegenstelling tot milde inflatie, kan deflatie wel een probleem zijn. Alhoewel iedereen er niets op tegen zal hebben om in de toekomst minder te betalen voor een brood, is een voortdurende daling van het prijspeil iets waar economen voor vrezen: als iedereen zijn aankopen uitstelt tot die minder gaan kosten, stopt de groei van een economie.

De Wikifin-tips

  • Bepaal op voorhand wanneer je jouw geïnvesteerd geld weer nodig hebt. Als je jouw geld heel flexibel wenst op te vragen dan ben je best af met een spaarboekje. In ruil voor die flexibiliteit moet je dan wel vrede nemen met een lager rendement;
  • Maar als je duidelijk weet hoe lang je jouw geld denkt te kunnen missen zijn er andere beleggingsmogelijkheden zoals bv. fondsen of obligaties;
  • Heb je belegd in fondsen of obligaties, en heb je toch jouw geld vroeger nodig dan voorzien? Dan zal je vermoedelijk kosten moeten betalen en misschien ook een verlies op jouw belegging moeten aanvaarden. De gevolgen kunnen verschillen van product tot product. Dus weet waar je in belegt!
  • Hou er rekening mee dat inflatie de waarde van jouw spaargeld vermindert.