Heeft je gezinstoestand gevolgen voor je uitkering bij arbeidsongeschiktheid?
Je bent werknemer
Het eerste jaar van de arbeidsongeschiktheid spreken we over "primaire arbeidsongeschiktheid". In de eerste periode van de primaire arbeidsongeschiktheid behoud je je loon dat ten laste is van de werkgever. Voor bedienden bedraagt deze periode in principe één maand, voor arbeiders 14 dagen. Na deze periode ontvang je in principe 60 % van je gemiddelde dagloon, dat wordt berekend op basis van je laatste brutoloon. Vanaf de derde maand van je arbeidsongeschiktheid is een minimumuitkering van toepassing. Tijdens die derde maand is dat minimumbedrag gelijk voor alle verzekerden, vanaf de vierde maand hangt het minimumbedrag af van je gezinssituatie.
Opgelet: Vanaf 1 januari 2022 kan het bedrag van je uitkering vanaf de eerste dag van de vierde maand verhoogd worden. Van dan af ontvang je 60% van je gemiddelde dagloon, of ontvang je de minimale uitkering als dat laatste bedrag hoger ligt. De minimale uitkering hangt af van je gezinstoestand.
Op de eerste dag van de zevende maand, wordt je uitkering opnieuw onderzocht.
Na één jaar arbeidsongeschiktheid heb je recht op een invaliditeitsuitkering. Ook hier speelt je gezinssituatie een rol. Je krijgt:
- 65 % van je laatste loon als je gezinslasten hebt.
- 55 % van je laatste loon als je alleenstaande zonder gezinslasten bent.
- 40 % van je laatste loon als je samenwoont en geen gezinslasten hebt.
Je was werkloos voor je arbeidsongeschikt werd
Tijdens de primaire arbeidsongeschiktheid – dus tijdens het eerste jaar – is je uitkering tot en met de zesde maand in principe gelijk aan je werkloosheidsuitkering, behalve als dit bedrag hoger is dan je arbeidsongeschiktheidsuitkering. In dat geval heb je recht op het bedrag van de arbeidsongeschiktheidsuitkering en niet op het bedrag van de werkloosheidsuitkering.
Vanaf de zevende maand is de uitkering gelijk aan 60% van het begrensde brutodagloon waarop je werkloosheidsuitkering is berekend.
Vanaf de vierde maand van je arbeidsongeschiktheid wordt ook rekening gehouden met je gezinssituatie.
Na één jaar heb je recht op een percentage van het begrensde brutodagloon waarop je werkloosheidsuitkering is berekend. Je gezinssituatie bepaalt welk percentage dat is :
- 65 % als je gezinslasten hebt.
- 55 % als je alleenstaande zonder gezinslasten bent.
- 40 % als je samenwoont en geen gezinslasten hebt.
Je bent zelfstandige
Ook voor zelfstandigen hangen de uitkeringen wegens arbeidsongeschiktheid af van de gezinssituatie.