Geld lenen aan familie en vrienden

Geld lenen

Een vriend zit in financiële moeilijkheden en je wil hem helpen? Wil je je kinderen een duwtje in de rug geven door hen het bedrag van de notariskosten voor de aankoop van hun eerste woning te lenen? Mooie intenties! Toch is het belangrijk de voorwaarden voor de terugbetaling duidelijk af te spreken. Het kan een goed idee zijn de voorwaarden van de lening op papier te zetten. Zo vermijd je conflicten mocht er discussie ontstaan over het geleende bedrag, de intresten die moeten worden betaald, enz. 

Aan wie geld lenen?

Wettelijk gezien kan je geld lenen aan wie je maar wil: je ouders, kinderen, vrienden, buren,… Uiteraard leen je beter enkel geld aan mensen die je vertrouwt. Vóór je een familielid te hulp snelt, hou ook rekening met de eventueel jaloerse reacties van je andere familieleden. Geld en familie gaan niet altijd goed samen! Wees zeker voorzichtig als mensen bij jou komen aankloppen omdat ze bij de bank geen lening kunnen krijgen. Als banken weigeren iemand geld te lenen, is dat wellicht omdat ze bang zijn hun geld nooit terug te zien. 

Welke bedragen ontlenen? 

Ook op dat vlak zijn er geen beperkingen. Zodra je belangrijke bedragen aan iemand leent, moet je bekijken of je er daardoor niet zelf financieel op achteruitgaat. Is het geld dat je uitleent bijvoorbeeld afkomstig van een spaarboekje met intresten, dan zal je op dat deel van je spaargeld geen intresten meer ontvangen zolang de lening niet is terugbetaald. Precies daarom kan je voorstellen om intresten te vragen op het bedrag dat je wil uitlenen.

Als je intresten vraagt

Wil je intresten vragen op het bedrag dat je iemand leent, stel dan een intrestvoet voorop. Je kan je daarvoor baseren op wat je aan intresten zou ontvangen als het geld op je spaarrekening zou staan. Ook intrestvoeten op andere beleggingen kunnen als leidraad dienen. 

Die intresten zijn een roerend inkomen waarop belastingen moeten betaald worden: die belasting heet roerende voorheffing. Ook op de intresten die je van familie of vrienden krijgt, moet er dus roerende voorheffing betaald worden: momenteel 30% op het bedrag van de intresten. De kredietnemer die de intresten moet betalen, moet de voorheffing doorstorten aan de fiscus. 

Stel: je leent je zoon 2.000 euro. Je spreekt af dat hij op die som een intrest van 5% - wat neerkomt op 100 euro – per jaar moet betalen. Van die 100 euro moet je zoon jou 70 euro betalen. De overige 30 euro gaat naar de fiscus (30% van 100 euro = 30 euro). Het bedrag dat je ontvangt, stemt dus overeen met de afgesproken intresten, verminderd met de roerende voorheffing. Je moet daarop geen andere belastingen meer betalen. 

Meer informatie over de formaliteiten, het formulier dat de kredietnemer moet invullen en opsturen bij elke betaling, en over de betalingstermijn voor de roerende voorheffing, vind je op de website van de Federale Overheidsdienst Financiën, rubriek Administraties, Fiscaliteit, Formulieren, Aangifte in de roerende voorheffing.

Tot slot kan je in het contract opnemen dat verwijlintresten verschuldigd zijn als er te laat wordt betaald. Die verwijlintresten mogen per jaar wettelijk nooit hoger liggen dan 0,5% van het nog terug te betalen bedrag.

Hoe moet een schriftelijke overeenkomst eruit zien?

Zelfs wanneer je geld leent aan een kind, een ouder of een vriend, stel je maar beter een overeenkomst op. Daarin leg je alle voorwaarden voor de lening vast. Zo voorkom je heel wat problemen die de sfeer in de familie of tussen vrienden kunnen bederven. Neem in de overeenkomst o.a. volgende elementen op:

  • naam, voornaam en volledig adres van kredietgever en kredietnemer ;
  • het geleende bedrag, in cijfers en in letters;
  • de reden voor de lening (aankoop vastgoed, wagen,…);
  • de looptijd van de lening (geef je geen data op, dan kan je wettelijk gezien je geld op ieder moment opeisen);
  • de eventuele intrestvoet die op het geleende bedrag wordt berekend, en ook de verwijlintresten;
  • het aantal exemplaren waarin de overeenkomst is opgemaakt (en, indien nodig, het aantal bladzijden);
  • de plaats en de datum van ondertekening van de overeenkomst.

Vergeet niet de overeenkomst door de kredietnemer te laten ondertekenen.

Leen je een klein bedrag, dan kan je je tevreden stellen met een schuldbekentenis. Dat handgeschreven document vermeldt gewoon de namen en adressen van kredietgever en kredietnemer én het geleende bedrag. Een schuldbekentenis moet ondertekend zijn. 

Wat als de persoon aan wie je geld hebt geleend je niet terugbetaalt?

Dat ligt uiteraard gevoelig, zeker als je geld leende aan een familielid of een vriend. Betaalt de kredietnemer je niet op het afgesproken moment terug, vraag hem dan onmiddellijk waarom. Misschien gaat het om een tijdelijk probleem, dat zichzelf oplost.

Het kan gebeuren dat je geen bevredigende oplossing vindt. In dat geval heb je geen andere keuze dan op basis van de leenovereenkomst of schuldbekentenis juridische stappen te ondernemen, om de terugbetaling van de lening af te dwingen. Voordien kan je de kredietnemer schriftelijk in gebreke stellen. Schrijf hem daarvoor een brief waarin je formeel vraagt het geld terug te betalen. Pas na zo’n ingebrekestelling beginnen de verwijlintresten te lopen. Om te kunnen bewijzen dat je de ingebrekestelling wel degelijk hebt verstuurd, verzend je ze maar beter per aangetekende brief. 

DE WIKIFINTIPS

  • Stel altijd een leenovereenkomst op, ook als je geld leent aan een familielid of een vriend.
  • Betaal het bedrag dat je wil uitlenen per overschrijving, liever dan het de kredietnemer contant te geven. Zo kan je bewijzen dat je het geld wel degelijk hebt geleend.