De verkoopovereenkomst in een notendop

Bij de aankoop van een grond of woning moet je een verkoopovereenkomst afsluiten met de huidige eigenaar, ongeacht of je meteen wil intrekken in de woning of eerst werken wil laten uitvoeren. Een verkoopovereenkomst wordt meestal bij de notaris ondertekend en gekoppeld aan de storting van een voorschot op de totaalprijs van het huis. Daarna heb je maximaal vier maanden de tijd om de verkoopakte bij de notaris te laten opmaken. Zowel de verkoper als de koper kunnen een eigen notaris aanstellen. Dat hoeft niet duurder te zijn: treden er twee notarissen op, dan moeten ze de vergoeding delen.

Let op: de verkoopovereenkomst bezegelt de verkoop. Zodra u de overeenkomst tekent, is de verkoop definitief en zal je de verkoper dus de verkoopprijs moeten betalen. De verkoper mag van zijn kant uit de woning niet meer verkopen aan een andere persoon.

Stel: je gaat ervan uit dat je het krediet krijgt om een woning te kopen. Je ondertekent dus de verkoopovereenkomst. Als het krediet je daarna om de ene of andere reden wordt geweigerd, moet je de verkoopprijs toch betalen, zelfs al heb je niet het nodige geld!

Hoe kan je dergelijke problemen voorkomen?

Om zo’n dramatische situatie te vermijden, kan je als koper maar beter eisen dat in de verkoopovereenkomst wordt vermeld dat de verkoop enkel doorgaat als het hypothecair krediet dat je aanvroeg wel degelijk wordt toegestaan. Dat noemt men een opschortende voorwaarde.

Met een dergelijke voorwaarde wordt de verkoop geannuleerd als je geen lening krijgt.

Voor meer informatie over de verkoopovereenkomst en de rol die een notaris kan spelen, kan je terecht op de website van de Koninklijke Federatie van het Belgisch Notariaat.

De Wikifin-tip

  • Laat altijd een opschortende voorwaarde met betrekking tot de toekenning van het krediet in jouw verkoopovereenkomst opnemen.