De schadevergoeding

Een schadevergoeding heeft betrekking op twee types schade: materiële en lichamelijke schade toegebracht aan andere personen.

Materiële schade

Om de vergoeding van materiële schade te vergemakkelijken, werd een snelle procedure ingesteld door de BA Auto-verzekeraars, de zogenaamde RDR-regeling (Règlement Direct - Directe Regeling). Voor ongevallen met schade die onder een bepaald bedrag blijft wordt de niet-aansprakelijke bestuurder rechtstreeks door zijn eigen BA Auto-verzekeraar vergoed. Deze betaling gebeurt voor rekening van de verzekeraar van de tegenpartij die aansprakelijk geacht wordt. Indien er gewonden zijn kunnen de verzekeraars de materiële schade in RDR regelen maar de lichamelijke schade niet.

De verzekeraar bij wie het beschadigde voertuig is verzekerd, zal dan zijn betaling terugvragen aan de verzekeraar van wie aansprakelijk is. Die snelle procedure wordt ook wel de RDR-regeling (Règlement Direct - Directe Regeling) genoemd.

De schadevergoeding

Wat de schadevergoeding zelf betreft, kunnen zich verschillende situaties voordoen:

In de eerste plaats moet bepaald worden welke schade er is:
  • De schade aan het voertuig dat het ongeval veroorzaakte, wordt niet vergoed. Ook niet als de bestuurder en de eigenaar twee verschillende personen zijn.
  • Schade aan voertuigen of eigendommen van andere personen:
    • als het voertuig (of een ander beschadigd eigendom) kan worden hersteld, spreken we over partieel verlies en wordt de schadevergoeding berekend op basis van de reparatiekosten;
    • als het derde voertuig niet kan worden hersteld of als de reparatie meer zal kosten dan de vervangingswaarde van het voertuig, spreken we over volledig verlies. Het slachtoffer heeft recht op de vervangingswaarde van het voertuig. Hij kan dan een bedrag vragen dat nodig is om een identiek voertuig te kopen.

Naast die kosten kan het slachtoffer de terugbetaling van bijkomende kosten eisen. Denk daarbij aan de kosten voor het huren van een vervangwagen terwijl de expertise en de herstellingen worden uitgevoerd, opslagkosten, eventuele professionele verliezen, sleepkosten, …

Lichamelijke schade

Om de lichamelijke schade te schatten, doet de verzekeraar een beroep op een medisch expert. Die houdt rekening met de medische kosten, het inkomensverlies, de morele schade en de tijdelijke of blijvende invaliditeit.

Ook op dat vlak hebben verzekeraars afspraken gemaakt om slachtoffers sneller schadeloos te kunnen stellen. Zo zijn er termijnen waarbinnen slachtoffers door verzekeraars moeten worden vergoed. Het Gemeenschappelijk Motorwaarborgfonds moet trouwens een deel van de schadevergoeding aan het slachtoffer voorschieten en dat daarna terugvragen aan de verzekeraar van wie aansprakelijk is.

Indien het slachtoffer niet tijdig een gemotiveerd antwoord krijgt van de verzekeraar kan aan het Gemeenschappelijk waarborgfonds gevraagd worden een deel van de schadevergoeding aan het slachtoffer voor te schieten. Nadien zal het Fonds het bedrag terugvragen aan de verzekeraar van wie aansprakelijk is.

Geval apart: zwakke weggebruikers

De wet beschermt zwakke weggebruikers (voetgangers, fietsers, passagiers, rolstoelgebruikers, …). Als zwakke weggebruiker krijg je je lichamelijke schade vergoed door de verzekeraar BA Auto van het voertuig dat betrokken is bij het ongeval. Dat kan een voertuig zijn waarin je passagier was, een voertuig dat jou aanreed, of dat jou deed vallen, enzovoort. Het is niet belangrijk wie aansprakelijk is.

Zijn er verschillende wagens bij het ongeval betrokken, dan kan het slachtoffer kiezen welke verzekeraar hem moet vergoeden.

Als de zwakke weggebruiker zelf aansprakelijk is voor het ongeval, kan de eigenaar van het voertuig dat beschadigd werd, vergoeding voor de schade aan het voertuig vragen van de zwakke weggebruiker.Wat als het voertuig van de aansprakelijke voor een ongeval niet is verzekerd? In dat geval komt het Gemeenschappelijkwaarborgfonds tussen.