Met het spel ABC van het Budget kopen de leerlingen van het 1ste en 2de leerjaar zelf hun schoolspullen en leren ze zo een budget te beheren. Ze moeten keuzes maken en leren het onderscheid tussen behoeften en wensen.
Door middel van een hoekenwerk/groepswerk leren de leerlingen de meest courante betaalmiddelen en nieuwe betaalmethoden kennen. Ze bespreken de eigenschappen alsook de voor- en nadelen hiervan.
Aan de hand van een kort stripverhaal brengen leerlingen inkomsten en uitgaven in kaart. Ze gaan na of ze iets kunnen aanpassen. Ze maken een kleine budgetoefening. Aan de hand van vragen ga je met de klas nog wat verder in op hun geldgedrag.
Eenvoudige probleemstelling waarbij de leerlingen nadenken over wat Alex van de menukaart kiest. Voor wie is het interessant om een menu of speciale promotie te kiezen dan wel om afzonderlijke gerechtjes te bestellen?
Vertrekkende van een eenvoudige probleemstelling berekenen de leerlingen hoeveel alle aankopen voor een verJaardagsfeestje gekost hebben. Ze berekenen of de Jarige organisatoren voldoende geld hebben om hun aankopen te betalen. Ze berekenen het wisselgeld dat de Jarigen aan de kassa terugkrijgen indien ze betalen met € 50.
De leerlingen kruipen in de rol van een volwassene en komen meer te weten over een gezinsbudget. Deze les is een aanvulling op het spel (Just’in Budget) waarmee leerlingen een budget leren beheren. In het spel worden ze ook uitgedaagd om keuzes te maken en financiële verplichtingen na te komen.