De leerlingen maken kennis met 3 zeer verschillende spaar- en beleggingsproducten (spaarrekening, aandeel, staatsbon) en vergelijken deze financiële producten op vlak van rendement, risico en liquiditeit.
Leerlingen berekenen de uitverkoopprijzen van alle artikelen in een webshop voor kleding aan de hand van kortingspercentages. Ze gaan na of ze met hun beschikbaar budget meer of minder kunnen kopen en controleren de bedragen van bestelbonnen. Ze moeten ook de veiligheid van de online website nagaan.
De leerlingen starten met een korte test waarin ze nagaan of ze krekel of mier zijn. Daarna worden de resultaten van deze test besproken en geanalyseerd. In een tweede deel gaan de leerlingen dieper in op hun aankoopgedrag en verschillende invloeden bij aankopen.
De leerlingen vertrekken vanuit een reportage waarin ze geconfronteerd worden met het feit dat jongeren vatbaar zijn voor reclame. Ze leren verschillende populaire en minder populaire marketingkanalen kennen en testen in welke mate ze vatbaar zijn voor deze technieken Aan de hand van diverse oefeningen rond verkooptechnieken, kortingen, … wordt dit onderwerp uitgediept.
Leerlingen brengen de rol van een bank in kaart aan de hand van informatie uit een stripverhaal en artikels. Aan de hand van de artikels ontdekken leerlingen ook de begrippen nominale en reële rente, geldcreatie en de rol van de centrale bank.
Leerlingen berekenen de uitverkoopprijzen van gekochte artikelen en controleren of het kasticket correct alle kortingspercentages weergeeft. Ze bereken het totaal dat ze besparen door de uitverkoopprijzen.