Samen met Wikifin School, het BELvue Museum en de Nationale Bank van België heeft VRT NWS twee EDUboxen rond financiële educatie ontwikkeld. De EDUboxen zijn een educatieve tool voor de eerste graad van het middelbaar onderwijs.
Alle uitleg over de EDUboxen vind je op de website van VRT NWS.
Aan de hand van een beperkt aantal gegevens maken de leerlingen een overzicht van de evolutie van de betaalmiddelen. Ze kunnen verklaren hoe het gebruik van geld evolueert doorheen de tijd. De leerlingen formuleren verklaringen over het gebruik van steeds andere betaalmiddelen.
Aan de hand van één of meerdere video’s wordt het ontstaan van geld en de rol van een bank uitgelegd en kunnen de leerlingen op de verschillende vragen antwoorden. Hierdoor krijgen ze inzicht in het systeem van de bank en wat de betekenis is van sparen en een krediet is.
Waarom sparen mensen, en wat levert het op? In deze lesfiche ontdekken leerlingen het nut van sparen, leren ze omgaan met verwachte en onverwachte kosten en rekenen ze zelf uit hoe lang ze moeten sparen voor hun doel. Ze vergelijken spaaropties, ontdekken hoe intrest werkt en onderzoeken welke keuzes het slimst zijn voor hun geld.
Aan de hand van de website van WWF berekenen de leerlingen hun voetafdruk. Zij zoeken tips om op school en thuis hun consumentengedrag aan te passen zodat hun voetafdruk verkleint.
De leerlingen vertrekken vanuit een reportage waarin ze geconfronteerd worden met het feit dat jongeren vatbaar zijn voor reclame. Ze leren verschillende populaire en minder populaire marketingkanalen kennen en testen in welke mate ze vatbaar zijn voor deze technieken Aan de hand van diverse oefeningen rond verkooptechnieken, kortingen, … wordt dit onderwerp uitgediept.
Vertrekkende van een eenvoudige probleemstelling berekenen de leerlingen hoeveel alle aankopen voor een verJaardagsfeestje gekost hebben. Ze berekenen of de Jarige organisatoren voldoende geld hebben om hun aankopen te betalen. Ze berekenen het wisselgeld dat de Jarigen aan de kassa terugkrijgen indien ze betalen met € 50.
De leerlingen begrijpen de evolutie van de maatschappij en meer specifiek de evolutie van de diverse betaalmiddelen doorheen de tijd. Ze begrijpen dat betalen kan via ruilhandel, de overschrijving als via de smartphone.
Aan de hand van een kort stripverhaal brengen leerlingen inkomsten en uitgaven in kaart. Ze denken na over de inkomsten en de uitgaven van het personage en hoe ze dit kunnen aanpassen. Wat met hun inkomsten en uitgaven? Ze denken verder na over geldgedrag.