Aan de hand van een video leren de leerlingen enkele belangrijke concepten over budget en budgetbeheer. In de vorm van meerkeuzevragen leren de leerlingen de eerste beginselen van wat een budget is, waar dit uit bestaat en hoe een eenvoudig budget opgesteld kan worden.
De leerlingen starten met een korte test waarin ze nagaan of ze krekel of mier zijn. Daarna worden de resultaten van deze test besproken en geanalyseerd. In een tweede deel gaan de leerlingen dieper in op hun aankoopgedrag en verschillende invloeden bij aankopen.
Cash of kaart? De leerlingen kunnen het meest gepaste betaalmiddel aan een bepaalde situatie linken. Ze worden uitgedaagd via debat te gaan nadenken en te beargumenteren wat de voordelen en risico’s van elk betaalmiddel zijn.
Waarom sparen mensen, en wat levert het op? In deze lesfiche ontdekken leerlingen het nut van sparen, leren ze omgaan met verwachte en onverwachte kosten en rekenen ze zelf uit hoe lang ze moeten sparen voor hun doel. Ze vergelijken spaaropties, ontdekken hoe intrest werkt en onderzoeken welke keuzes het slimst zijn voor hun geld.
Leerlingen berekenen de uitverkoopprijzen van gekochte artikelen en controleren of het kasticket correct alle kortingspercentages weergeeft. Ze bereken het totaal dat ze besparen door de uitverkoopprijzen.
De leerlingen leren over financiële markten en verschillende beleggingsproducten: aandelen, obligaties, beleggingsfondsen. Ze analyseren gedetailleerde productfiches.