De leerlingen maken kennis met de stappen die nodig zijn om een woning te kopen: een woning zoeken, sparen, een lening aangaan, een lening afbetalen, …
De leerlingen maken kennis met 3 zeer verschillende spaar- en beleggingsproducten (spaarrekening, aandeel, staatsbon) en vergelijken deze financiële producten op vlak van rendement, risico en liquiditeit.
Aan de hand van een video leren de leerlingen enkele belangrijke concepten over budget en budgetbeheer. In de vorm van meerkeuzevragen leren de leerlingen de eerste beginselen van wat een budget is, waar dit uit bestaat en hoe een eenvoudig budget opgesteld kan worden.
Aan de hand van een kort stripverhaal brengen leerlingen inkomsten en uitgaven in kaart. Ze denken na over de inkomsten en de uitgaven van het personage en hoe ze dit kunnen aanpassen. Wat met hun inkomsten en uitgaven? Ze denken verder na over geldgedrag.
Leerlingen berekenen de uitverkoopprijzen van alle artikelen in een webshop voor kleding aan de hand van kortingspercentages. Ze gaan na of ze met hun beschikbaar budget meer of minder kunnen kopen en controleren de bedragen van bestelbonnen. Ze moeten ook de veiligheid van de online website nagaan.