De leerlingen beoordelen uitspraken over diverse betaalmiddelen namelijk cash, de overschrijving, betaalkaart en raadplegen hiervoor betrouwbare bronnen.
De leerlingen staan stil bij hun consumptiegedrag voor levensmiddelen. Ze vergelijken het consumptiegedrag voor levensmiddelen in hun eigen gezin met dat van gezinnen in andere landen verspreid over verschillende continenten. De leerlingen berekenen voor elk gezin de wekelijkse kostprijs van de voorgestelde producten en vergelijken deze budgetten. De leerlingen maken hiervoor gebruik van de foto’s.
Leerlingen beantwoorden meerkeuzevragen over diverse financiële onderwerpen. Zo ontdekken ze meer over intrest, enkelvoudige en samengestelde intrestberekeningen, de spaarrekening, inflatie, beleggingsproducten, diversificatie, fraude …
De leerlingen lezen een artikel over het geleidelijk aan verwijderen van frisdankautomaten op school en ze beantwoorden een aantal vragen. Zullen ze minder frisdrank kopen? Hoe zouden zij het probleem aanpakken van teveel suiker op school? Welke alternatieven stellen ze voor?
Wil je je spaargeld investeren in aandelen of obligaties? Maar heb je de tijd of ervaring niet om je beleggingen grondig op te volgen? Dan kan een beleggingsfonds voor jou een oplossing zijn. Deze video toont een korte introductie.
Daag je leerlingen uit om het juiste antwoord te vinden wanneer het gaat over budget, lenen en andere geldzaken. Deze vragen komen uit de Wikifin Quiz van De Week van het Geld 2023. De vragen van de quiz voor de 1ste, 2de en 3de graad zijn allemaal opgenomen in deze fiche, zodat je als leerkracht kan kiezen welke quizvragen je met de klas doet.
Cash of kaart? De leerlingen kunnen het meest gepaste betaalmiddel aan een bepaalde situatie linken. Ze worden uitgedaagd via debat te gaan nadenken en te beargumenteren wat de voordelen en risico’s van elk betaalmiddel zijn.