De leerlingen staan stil bij hun consumptiegedrag voor levensmiddelen. Ze vergelijken het consumptiegedrag voor levensmiddelen in hun eigen gezin met dat van gezinnen in andere landen verspreid over verschillende continenten. De leerlingen berekenen voor elk gezin de wekelijkse kostprijs van de voorgestelde producten en vergelijken deze budgetten. De leerlingen maken hiervoor gebruik van de foto’s.
Aan de hand van een korte video ontdekken leerlingen wat sparen is en dat sparen interessant is omdat ze zo ook wat extra geld kunnen verdienen. De leerlingen kunnen de rente op een spaarrekening berekenen en een rekening kiezen.
Leerlingen berekenen de uitverkoopprijzen van gekochte artikelen en controleren of het kasticket correct alle kortingspercentages weergeeft. Ze bereken het totaal dat ze besparen door de uitverkoopprijzen.
Aan de hand van de Wikifin vergelijkingstool gaan de leerlingen in functie van hun profiel na wat de meest geschikte zichtrekening is. Ze leren verschillende factoren kennen die een rol spelen bij het hebben/openen van een zichtrekening.
De kinderen leren een budget te beheren en keuzes te maken. Als aanvulling op het spel maken ze kennis met het begrip sparen en verschillende spaarvormen.
Aan de hand van een kort stripverhaal brengen leerlingen inkomsten en uitgaven in kaart. Ze denken na over de inkomsten en de uitgaven van het personage en hoe ze dit kunnen aanpassen. Wat met hun inkomsten en uitgaven? Ze denken verder na over geldgedrag.