Leerlingen kunnen biljetten en muntstukken herkennen en er vlot mee werken. De leerlingen kunnen aankopen doen en weten welke briefjes en of geldstukken ze moeten terugkrijgen. De leerlingen ontdekken een aantal echtheidskenmerken van geld waardoor ze echt geld van vals geld kunnen onderscheiden.
Met een betaalkaart kan je geld afhalen, betaal je zonder cash in de winkel of op het internet, en je geld is beschermd met een pincode, of als je contactloos betaalt met een limietbedrag. Welke soorten betaalkaarten zijn er? En waarin verschillen ze?
Alex, 13 jaar, gaat shoppen. Maar hoe maakt hij nu een keuze? Laat hij zich leiden door een promotieactie, een merk, de kwaliteit van een product of koopt hij waar hij zin in heeft? Alex denkt best goed na voor hij iets koopt.
Zit je met onverwachte uitgaven? Of wil je iets kopen en kom je geld tekort? Dan kan je geld lenen bij een bank of een kredietbemiddelaar. Ofwel via een lening op afbetaling, of via een kredietopening.
Aan de hand van een korte video ontdekken leerlingen wat sparen is en dat sparen interessant is omdat ze zo ook wat extra geld kunnen verdienen. De leerlingen kunnen de rente op een spaarrekening berekenen en een rekening kiezen.
Leerlingen berekenen de uitverkoopprijzen van gekochte artikelen en controleren of het kasticket correct alle kortingspercentages weergeeft. Ze bereken het totaal dat ze besparen door de uitverkoopprijzen.