Het arbeidscontract kan door beide partijen op elk moment worden verbroken. Zowel de werkgever als de werknemer moeten wel een aantal elementen in acht nemen. Zo moet de verbreking altijd schriftelijk gebeuren. Gaat het om een ontslag door de werkgever, dan moet dat altijd via een aangetekende brief of een deurwaardersexploot gebeuren. Gaat het om een ontslag door de werknemer dan kan die, behalve de aangetekende brief en het deurwaardersexploot, ook een schriftelijke mededeling overhandigen aan de werkgever. In beide gevallen moet de schriftelijke mededeling altijd de begindatum en de duur van de opzeggingsperiode vermelden.
Zowel de werkgever als de werknemer kunnen kiezen voor een opzegging van het contract waarbij de arbeidsovereenkomst verder wordt uitgevoerd (ontslag met opzegging) of voor een verbreking met onmiddellijke beëindiging en met betaling van een opzeggingsvergoeding.