Je pensioen voorbereiden

Een goed pensioen moet je voorbereiden. Hoe vroeger je eraan begint, hoe beter. De overheid moedigt het aan om te sparen gedurende je hele carrière. Zo zijn er fiscale stimulansen om zowel jonge als minder jonge mensen aan te sporen om aan pensioensparen te doen. De beste manier om te weten of sparen voor je pensioen wel degelijk noodzakelijk is, is na te gaan hoeveel je inkomen zal bedragen als je eenmaal gepensioneerd zult zijn. 
 
Je pensioenleeftijd is één van de belangrijkste elementen in de berekening van je pensioen. In België bedraagt de wettelijke pensioenleeftijd 65 jaar, zowel voor mannen als vrouwen. Het rustpensioen kan ingaan op de eerste dag van de maand die volgt op de 65ste verjaardag; m.a.w. wie in februari jarig is, kan in maart zijn pensioen opnemen.

De wettelijke pensioenleeftijd wordt in 2025 (ingangen vanaf 1 februari 2025) verhoogd tot 66 jaar en in 2030 (ingangen vanaf 1 februari 2030) tot 67 jaar.

En carrièrepauzes die je misschien wel hebt ingelast, hoeven niet per sé een negatieve invloed te hebben op je pensioen. Sommige van die 'pauzes' worden voor de berekening van je pensioen immers beschouwd als periodes waarin je gewerkt hebt.

  1. Velen onder ons beschouwen ons pensioen als een periode waarin we eindelijk van het leven zullen kunnen genieten. Op financieel vlak stelt de pensioenleeftijd je wel voor wat uitdagingen. Als je nu werkt en jouw inkomen is relatief laag, dan zal jouw pensioeninkomen waarschijnlijk 30 % minder hoog liggen dan jouw huidige inkomen. Als je zelfstandig bent, zal het inkomensverlies waarschijnlijk nog hoger liggen. In het algemeen gaat de regel op dat hoe hoger jouw inkomen, hoe groter het verlies van inkomen bij pensionering. Het is dus van belang om goed de toekomstige inkomsten te vergelijken met de toekomstige kosten.

    Om jouw toekomstige kosten goed in te schatten:

    Begin met jouw huidige kosten in te schatten en te bepalen of je ze nog zal moeten dragen eens je op pensioen bent. Veel kosten, zoals die voor de kinderen, zullen immers verdwijnen en dat kan heel wat schelen voor jouw budget! Eens de kinderen het huis uit zijn zal je minder plaats nodig hebben en kan je kiezen voor een kleiner en dus goedkoper huis; de kosten voor de studies zullen wegvallen en de kosten voor voedsel verminderen. De verplaatsingskosten zullen ook minder worden, want je zal niet meer naar het werk moeten. Anderzijds kunnen andere kosten oplopen: je zal meer tijd hebben voor jouw hobby's en dat kan wat kosten, eens je nog wat ouder bent, zullen de kosten voor jouw gezondheid oplopen.

    Voor wat betreft jouw toekomstige inkomsten:

    De eerste bron van inkomsten waar je op rekent, is vanzelfsprekend jouw wettelijk pensioen of de eerste pijler. Sinds 2014 is het mogelijk om jouw later pensioen met een simulator te berekenen.  Werknemers kunnen hun online pensioendossier bekijken op de website MyPension.be in het deel 'mijn wettelijk pensioen'. Je vindt meer algemene informatie over het wettelijk pensioen op de website van de  Federale Pensioendienst.

    Daarnaast heb je misschien een aanvullend pensioen (tweede pijler) bijeen gespaard bij jouw werkgever of voor jezelf als je zelfstandige bent? Om een overzicht van jouw aanvullend pensioen te krijgen, kan je met jouw elektronische identiteitskaart (eID) inloggen op de website MyPension.be in het deel 'mijn aanvullend pensioen'. Je kan daar nagaan bij welke verzekeringsonderneming of pensioenfonds je een aanvullend pensioen opbouwt en hoeveel dit bedraagt. 

    Als je aan pensioensparen (derde pijler) hebt gedaan, kan je een mooi spaarpotje hebben opgebouwd.

    Door jouw toekomstige uitgaven in te schatten en te vergelijken met jouw geschatte toekomstige inkomsten en vermogen, kan je nagaan of het nodig is om bijkomend te sparen of andere maatregelen te nemen, zoals langer werken of jouw uitgaven als gepensioneerde te verminderen.

    De website www.budgetplanner.be biedt een handige tool aan om jouw budget uit te werken. Let op! Een goed budget opmaken kost tijd en een goede voorbereiding.

  2. Het door de overheid georganiseerde wettelijk pensioen vormt de eerste pijler in jouw pensioenvorming.  Het Belgisch pensioenstelsel steunt echter op drie pijlers.

    De tweede pijler is het aanvullend pensioen dat bovenop het wettelijk pensioen kan worden opgebouwd in het kader van jouw loopbaan als werknemer of zelfstandige. De overheid stimuleert de vorming van die tweede pijler door belastingverminderingen en verminderingen van sociale bijdragen.

    Voor werknemers wordt het aanvullend pensioen ingericht door de werkgever of door de bedrijfssector. Zo’n aanvullend pensioen wordt opgebouwd bij een pensioenfonds of een verzekeringsonderneming. Werkgevers of bedrijfssectoren zijn niet verplicht om een aanvullend pensioenplan aan te bieden. 

    Als je geen of een laag aanvullend pensioen opbouwt bij jouw werkgever of sector, kan je zelf voor een aanvullend pensioen sparen. Dit wordt het vrij aanvullend pensioen voor werknemers (VAPW) genoemd.

    Elk jaar ontvang je een overzicht van de stand van jouw aanvullend pensioen.

    Voor zelfstandigen bestaat die tweede pijler uit het aanvullend pensioen dat ze in het kader van hun beroepsactiviteit opbouwen. Als zelfstandige moet je zelf het initiatief nemen om die tweede pijler in de praktijk te organiseren. Naargelang je jouw zelfstandige activiteiten ontplooit als natuurlijk persoon of als vennootschap, heb je andere mogelijkheden.

    Voor statutaire ambtenaren is er bijna nooit een aanvullend pensioen van de tweede pijler.

    De derde pijler verwijst naar individuele en vrijwillige spaarformules (pensioenspaarverzekering, pensioenspaarfonds, langetermijnsparen); ook daarvoor zijn er belastingverminderingen.

    In België worden een aantal vormen van sparen en beleggen zonder fiscaal voordeel soms aangeduid als de vierde pijler.

    De aankoop van een woning kan tot die vierde pijler behoren. Vraag je jezelf af of zo’n aankoop een appeltje voor de dorst kan zijn? Ongetwijfeld! Wie op pensioengerechtigde leeftijd eigenaar is van zijn woning, heeft heel wat minder kosten.

    De aanvullende inkomens uit de tweede, derde en vierde pijler verhogen jouw levensstandaard na jouw pensioen. Het is meestal interessant om al vroeg te starten met het opbouwen van een pensioenkapitaal dat aan jouw latere financiële behoeften voldoet.

  3. De regels in verband met het wettelijk pensioen vind je:

    De wettelijke pensioenleeftijd ligt momenteel op 65 jaar. Dat zowel voor mannen als voor vrouwen met een loopbaan als werknemer, zelfstandige of ambtenaar. Je blaast de kaarsjes op jouw verjaardagstaart uit en dan is het zover. Jouw wettelijk pensioen gaat immers in op de eerste dag van de maand die volgt op jouw 65ste verjaardag. Wie bijvoorbeeld op 14 februari jarig is, gaat op 1 maart met pensioen.

    De wettelijke pensioenleeftijd zal in 2025 worden verhoogd tot 66 jaar en in 2030 tot 67 jaar. 

    Vervroegd pensioen

    Ben je werknemer, ambtenaar of zelfstandige en wil je liever voor jouw 65e met pensioen? Besef dat de voorwaarden qua leeftijd en loopbaan stap voor stap zullen verstrengen. De minimale leeftijdsgrens voor het vervroegd pensioen werd sinds 2013 geleidelijk verhoogd. Ook de vereiste lengte van jouw loopbaan wordt steeds opgetrokken. Ons pensioen zal dus later ingaan dan dat van de vorige generaties, maar omdat onze levensverwachting is gestegen, zullen we ook langer van ons pensioen kunnen genieten.

    Vanaf 2019 kan je:

    • op 63 jaar met vervroegd pensioen gaan als je 42 jaar hebt gewerkt;
    • op 61 of 62 jaar met vervroegd pensioen gaan als je 43 jaar hebt gewerkt;
    • op 60 jaar met vervroegd pensioen gaan als je 44 jaar hebt gewerkt.

    inds 1 januari 2016 is de uitbetaling van het aanvullend pensioen gekoppeld aan het wettelijk rustpensioen: wanneer je met pensioen gaat, zal automatisch jouw aanvullend pensioen worden uitbetaald. Ook al vermeldt jouw aanvullend pensioenplan een andere pensioenleeftijd.

    Neem je je wettelijk pensioen vervroegd op? Dan zal je aanvullend pensioen op dat ogenblik ook worden uitgekeerd. Je kan de opname van je aanvullend pensioen niet uitstellen. 

    Hierdoor kan je aanvullend pensioen lager zijn dan ingeschat, bijvoorbeeld omdat je pensioenreserves minder lang intresten opbrengen dan oorspronkelijk de bedoeling was. Mogelijk had je nog recht op voordelige rentevoeten van 3,25%, 3,75% of zelfs meer….

    Daarnaast is er ook een fiscale impact. De belastingtarieven op je aanvullend pensioen hangen af van het tijdstip waarop je aanvullend pensioen wordt uitbetaald. De algemene regel is: hoe vroeger je met pensioen gaat, hoe hoger de belastingen die je betaalt. 

    Stel dat je met pensioen gaat op 65 jaar, dan betaal je 10% belastingen op je aanvullend pensioen. Ga je met vervroegd pensioen op je 60ste, dan betaal je 16,5% belastingen op je aanvullend pensioen. Het verschil kan dus groot zijn. Meer info over de belastingen op het aanvullend pensioen

     

    Werken na de leeftijd van 65 jaar

    Je kan als werknemer, zelfstandige of ambtenaar verder blijven werken nadat je de wettelijke pensioenleeftijd van 65 jaar bereikt. Dat kan op twee manieren:

    1. Werknemers, zelfstandigen en sommige ambtenaren zijn niet verplicht om op hun 65ste met pensioen te gaan; zij kunnen dezelfde job verder blijven uitoefenen. Werknemers en ambtenaren die hun beroepsactiviteiten willen verder zetten, hebben hiervoor het akkoord van hun werkgever nodig.

    2. Het is ook mogelijk om, terwijl je met pensioen bent, te werken.

    We raden je aan contact op te nemen met de pensioeninstelling die jouw dossier behandelt als je wil weten onder welke voorwaarden je na het bereiken van de wettelijke pensioenleeftijd kan blijven werken.

  4. We kunnen een onderscheid maken tussen drie periodes: 

    • de periodes van voltijdse arbeid waarin je een loon ontving;
    • periodes waarin je niet werkt: legerdienst, ziekte, onvrijwillige werkloosheid, tijdskrediet, werkloosheid met bedrijfstoeslag, …;
    • de periodes waarin je deeltijds hebtgewerkt.

    Onder bepaalde voorwaarden worden periodes van inactiviteit of deeltijdse arbeid (geheel of gedeeltelijk) met effectieve arbeidsperiodes gelijkgesteld. We spreken in dat verband over ‘gelijkgestelde periodes’. Met die periodes wordt rekening gehouden bij de berekening van jouw pensioen. In dat geval zal het feit dat je op dat ogenblik niet gewerkt heeft, geen ingrijpend negatieve gevolgen hebben voor jouw pensioen.

    Meer informatie over de impact van jouw loopbaan op jouw pensioen.

  5. Je kan jouw studiejaren inderdaad ‘afkopen’ door daarvoor sociale bijdragen te betalen. Het kan gaan om de jaren die je aan een universiteit of een hogeschool doorbracht. Als je dat doet, worden jouw studiejaren meegeteld voor de berekening van jouw wettelijk pensioen. Die mogelijkheid kan interessant zijn als je een beroep uitoefent waarvoor je lang moest studeren.

    Voorwaarden

    Sinds 1 december 2017 is de wetgeving over de regularisatie van de studieperioden sterk gewijzigd. Deze hervorming zorgde voor een harmonisering van de regels tussen de pensioenstelsels van werknemers, ambtenaren en zelfstandigen. Voor meer informatie klik hier.

    Via www.mypension.be kan je een raming opvragen van hoeveel je zou moeten betalen om jouw studiejaren te regulariseren. Het goedkoopste is om te regulariseren binnen de tien jaar nadat je bent afgestudeerd.