Wettelijk pensioen

Iedereen die gewerkt heeft als loontrekkende, ambtenaar of zelfstandige heeft op het einde van zijn loopbaan recht op een rustpensioen. In België bedraagt de wettelijke pensioenleeftijd 65 jaar, zowel voor mannen als vrouwen.
 
Het rustpensioen kan ingaan op de eerste dag van de maand die volgt op de 65ste  verjaardag; m.a.w. wie in februari jarig is, kan in maart zijn pensioen opnemen.
 
De wettelijke pensioenleeftijd wordt in 2025 (ingangen vanaf 1 februari 2025) verhoogd tot 66 jaar en in 2030 (ingangen vanaf 1 februari 2030) tot 67 jaar.
 
Het is wel mogelijk om onder bepaalde voorwaarden vroeger dan je 65ste met pensioen te gaan. Maak echter eerst goed je rekening voor je een aanvraag voor vervroegde pensionering indient. Bereken hoeveel je pensioen precies zal bedragen vóór je een beslissing neemt. Hou daarbij ook rekening met je gezinssituatie
 
Je pensioen zal nooit lager zijn dan het gewaarborgd minimumpensioen. Is je inkomen erg laag dan kan je een aanvraag indienen voor de InkomensGarantie voor Ouderen (IGO).

De Wikifin-tips

Vragen over jouw wettelijk pensioen? Bel het nummer 1765, de pensioenlijn van de drie pensioeninstellingen.
In België kan je gratis naar het nummer 1765 bellen. Dat is ook vanuit het buitenland te bereiken via +32 78 15 1765 (betaalnummer). De pensioenlijn is op weekdagen te bereiken tussen 9 en 12 uur en tussen 13 en 17 uur.

Je kan ook een mailtje sturen naar jouw pensioeninstelling.

Neem contact op met de instelling die jouw dossier behartigt: de FPD - Werknemerspensioenen (voor loontrekkenden), het RSVZ (voor zelfstandigen) of de FPD-Ambtenarenpensioenen (voor ambtenaren). Had je een ‘gemengde’ loopbaan, met dus verschillende arbeidsstatuten, dan kan je een van de twee instellingen contacteren.

  1. 1. Je bent werknemer of zelfstandige

    Ben je als werknemer van plan om tot jouw 65ste te blijven werken? Goed nieuws: je hoeft zich nergens zorgen over te maken. De Pensioendienst (FPD), die instaat voor de berekening en de uitbetaling van pensioenen aan werknemers, zal automatisch jouw pensioen berekenen op deze normale pensioenleeftijd zonder dat je hiervoor een aanvraag moet indienen en informeert je over jouw pensioenrechten.

    Ga je op de wettelijke pensioenleeftijd met pensioen, dan hoef je geen aanvraag in te dienen. Jouw pensioenrecht wordt automatisch onderzocht door het Rijksinstituut voor de Sociale Verzekeringen der Zelfstandigen (RSVZ).

    Heb je geen zin om op jouw 65ste met pensioen te gaan? Dat hoeft ook niet! Mits akkoord van jouw werkgever, kan je ook na jouw 65ste verjaardag blijven werken. Een zelfstandige kan blijven werken tot hij/zij zelf beslist ermee op te houden.Vóór je een dergelijke beslissing neemt, informeer je maar beter bij jouw pensioeninstelling of bel je de 1765.

    2. Je bent ambtenaar

    Voor ambtenaren verloopt de pensioenaanvraag niet automatisch. Je moet zelf een pensioenaanvraag indienen, ten vroegste één jaar vóór de datum waarop je jouw loopbaan wenst te beëindigen. Meer info vind je hier.

    3. Je hebt in het buitenland gewerkt

    Heb je gewerkt buiten de Europese Economische Ruimte (de 27 EU-lidstaten plus IJsland, Liechtenstein en Noorwegen)? Neem voor meer informatie contact op met de RSZ of met jouw toenmalige werkgever.

    De Wikifin-tips

    • Het pensioen van zelfstandigen en ambtenaren wordt niet automatisch aangevraagd. Denk er tijdig aan!
    • Je kan via MyPension.be jouw vroegst mogelijke pensioendatum berekenen en in een later stadium zal je zelf simulaties kunnen maken.
  2. Nee. Als gepensioneerde verliest je jouw sociale uitkering op het moment dat je jouw eerste pensioen ontvangt. Misbruiken worden streng bestraft.

    Relevante sociale uitkeringen

    Na jouw pensioen verlies je het recht op volgende uitkeringen:

    • werkloosheidsuitkering
    • conventioneel brugpensioen
    • ziekte-uitkering
    • invaliditeitsuitkering
    • tegemoetkomingen voor loopbaanonderbrekingen
    • tegemoetkomingen voor verminderde arbeidsprestaties (tijdskrediet, loopbaanonderbrekingen …).

    Aangifte

    Als je een sociale uitkering ontvangt, moet je die aangeven aan jouw pensioeninstelling. Daarvoor kan je het formulier voor afstand van uitkeringen downloaden, invullen en doorsturen naar de FPD als je een pensioen als loontrekkende ontvangt óf naar het RSVZ als je een pensioen als zelfstandige ontvangt.

    Diezelfde procedure geldt als jouw echtgenoot of echtgenote een uitkering ontvangt terwijl je recht hebt op een gezinspensioen.

    Sancties

    Wees voorzichtig! Het niet aangeven van jouw sociale uitkeringen leidt onmiddellijk tot sancties. Zo zal jouw pensioen worden opgeschort tijdens de maanden waarin je een andere sociale uitkering ontvangt. Zelfs als je die uitkering slechts voor één dag ontving!

    Als jouw echtgenoot of echtgenote een sociale uitkering ontvangt terwijl je ook een gezinspensioen ontvangt, zal je nog slechts het pensioen voor alleenstaanden ontvangen.

    Uitzondering

    Het overlevingspensioen kan gedurende een periode van 12 maanden (volledig of onvolledig, al dan niet op elkaar volgend) met een sociale uitkering worden gecumuleerd. In dat geval wordt het bedrag van het overlevingspensioen beperkt. Wil je jouw pensioen met een uitkering combineren? Vul het formulier daarvoor in, laat het ondertekenen door jouw ziekenfonds of de RVA en stuur het door naar jouw pensioeninstelling.

  3. Het stelsel ‘werkloosheid met bedrijfstoeslag’ (brugpensioen), vervangt sinds 1 januari 2012 het systeem voor vervroegd pensioen. Het geeft sommige oudere werknemers na ontslag recht op een bijkomende vergoeding van hun voormalige werkgever (of een sectoraal fonds). Zij ontvangen die vergoeding bovenop hun werkloosheidsuitkering.

    Voorwaarden

    Je moet ontslagen zijn, recht hebben op een werkloosheidsuitkering, vallen onder een Collectieve Overeenkomst waarin werkloosheid met bedrijfstoeslag is voorzien én voldoen aan de voorwaarden qua leeftijd en loopbaan.

    Bedrag van de dubbele uitkering

    Voldoe je aan alle toekenningsvereisten, dan kan je maandelijks een dubbele uitkering ontvangen:

    • een werkloosheidsuitkering ten belope van 60 % van jouw laatste bruto loon, met een plafond van 1 263,60 euro per maand;
    • een bedrijfstoeslag die de helft dekt van het verschil tussen jouw laatste netto loon en jouw werkloosheidsuitkering.

    Voor een nauwkeurige berekening van de vergoeding waarop je recht hebt, kan je terecht bij de RVA.

    Duur
    Werklozen met bedrijfstoeslag ontvangen het bedrag van de bedrijfstoeslag maandelijks tot ze 65 zijn. Dat blijft zo, zelfs indien ze opnieuw aan het werk gaan (op voorwaarde dat ze niet bij dezelfde werkgever aan de slag gaan).

    Meer informatie over werkloosheid met bedrijfstoeslag.

  4. Als jouw echtgenoot of echtgenote overlijdt, kan je een overlevingspensioen aanvragen op basis van zijn of haar beroepsactiviteit in België als werknemer, zelfstandige of ambtenaar, óf in het buitenland als werknemer van een in België gevestigde werkgever.

    Sinds 2015 is de wetgeving rond het overlevingspensioen grondig gewijzigd door de invoering van een overgangsuitkering. De nieuwe regeling wordt toegepast wanneer de huwelijkspartner overlijdt na 31 december 2014, en houdt in dat wie niet voldoet aan de leeftijdsvoorwaarden om een overlevingspensioen te krijgen, eventueel recht heeft op een overgangsuitkering gedurende:

    • 12 maanden (zonder kinderlast);
    • 24 maanden (met kinderlast).

    Wie al een overlevingspensioen ontving volgens de vroegere wetgeving, blijft dat recht behouden.

    Meer info over de voorwaarden voor een overlevingspensioen.

    Aanvraag

    Werkte jouw echtgenoot of echtgenote als werknemer of als zelfstandige, dan moet je jouw aanvraag indienen bij de bevoegde dienst van jouw gemeente of jouw pensioeninstelling. Neem jouw identiteitskaart en jouw trouwboekje mee! Jouw dossier wordt automatisch onderzocht als jouw echtgenoot of echtgenote op het moment van zijn of haar overlijden reeds een pensioen ontving of zelf al een pensioenaanvraag had ingediend.

    Was jouw echtgenoot of echtgenote ambtenaar, dan moet de aanvraag worden ingediend bij zijn of haar laatste werkgever. Ken je die niet? Richt je tot de Pensioendienst - Ambtenarenpensioenen (FPD). Was jouw echtgenoot of echtgenote al met pensioen, dan opent de FPD automatisch een dossier voor een overlevingspensioen.

    Bedrag van het overlevingspensioen

    Hoe jouw overlevingspensioen wordt berekend, hangt af van het arbeidsstatuut van jouw overleden echtgenoot of echtgenote.

    Andere wijzigingen in jouw gezinssituatie

    Ook andere wijzigingen in jouw gezinssituatie (opnieuw huwen, echtscheiding, feitelijke scheiding) kunnen jouw pensioen beïnvloeden.

    Voor meer informatie kan je steeds terecht bij jouw pensioeninstelling.

  5. Als gescheiden persoon heb je mogelijk recht op pensioen als gevolg van jouw vroegere huwelijk. Win informatie in op de website van

  6. Voorwaarden

    Sinds 1 januari 2013 moest je 60,5 jaar oud zijn en 38 jaar loopbaan hebben vóór je met vervroegd pensioen kon. We spreken in dat verband over de ‘loopbaanvoorwaarde’. Geregulariseerde studiejaren tellen niet mee voor de loopbaanvoorwaarde.

    De leeftijd- en loopbaanvoorwaarden werden ondertussen geleidelijk opgetrokken. Sinds 2017 kan iemand pas met vervroegd pensioen als hij 62,5 jaar oud is en 41 jaar heeft gewerkt. Wie zeer lang gewerkt heeft zal onder bepaalde voorwaarden toch nog op 60 of 61 met pensioen kunnen.

    Als je op een bepaald moment voldoet aan de voorwaarden qua leeftijd en loopbaan, heb je later altijd het recht om met vervroegd pensioen te gaan, op de datum waarop je dat wil.

    Aanvraag

    Wil je met vervroegd pensioen? Dien een aanvraag in bij jouw pensioeninstelling of de bevoegde dienst in jouw gemeente. Je kan ook rechtstreeks surfen naar de website: www.pensioenaanvraag.be. Dat doe je bij voorkeur één jaar vóór je met pensioen wil.

    Uitzonderingen

    Sommige statutaire ambtenaren (rijdend personeel van de NMBS, militairen, politieambtenaren) kunnen nog altijd op een jongere leeftijd met pensioen. Werknemers met een speciaal statuut (burgerluchtvaart, zeevaart en mijnwerkers) kunnen vóór hun 60ste met pensioen als aan bepaalde voorwaarden werd voldaan.

    Let op: wie voltijds een werkloosheidsuitkering met bedrijfstoeslag ontvangt (het vroegere conventionele brugpensioen) kan geen vervroegd pensioen krijgen.

  7. De Pensioendienst (FPD) stort het pensioen van werknemers (met inbegrip van de contractuele ambtenaren) en zelfstandigen. De FPD betaalt ook meestal het pensioen van benoemde ambtenaren uit.

    Uitbetaling

    Het veiligst is om jouw pensioen op een bankrekening te laten storten. Om jouw pensioen te kunnen ontvangen, moet je jouw bankgegevens meedelen aan jouw pensioeninstelling, die je dan een invulformulier toestuurt.

    Bezwaar

    Is jouw pensioen volgens jou fout berekend? Signaleer dat aan jouw pensioeninstelling. Kom je niet tot een akkoord daarmee, dan kan je je richten tot de Ombudsdienst Pensioenen. In laatste instantie kan je aankloppen bij de Arbeidsrechtbank van het arrondissement waar je woont, óf bij een burgerlijke rechtbank (Rechtbank van Eerste Aanleg, Hof van Beroep) indien je ambtenaar bent.

    Je had een gemengde loopbaan

    Eén gepensioneerde op drie had een gemengde loopbaan, wat betekent dat hij heeft gewerkt onder verschillende arbeidsstatuten (als werknemer, als zelfstandige of als ambtenaar). Ben je in dat geval? We raden je aan langs te gaan bij een Pensioenpunt; je vindt er in het hele land. Die dienst werkt overkoepelend voor de drie pensioeninstellingen. De specialisten staan voor jou klaar!

    Elke pensioeninstelling onderzoekt jouw pensioenrechten in het kader van het arbeidsstatuut dat onder haar bevoegdheid valt. Het bedrag van jouw pensioen wordt berekend in verhouding tot de duur van jouw loopbaan onder het overeenstemmende arbeidsstatuut.

    Meer informatie op: locatie en openingsuren van de Pensioenpunten

    Overzichtstabel
     

    Jouw statuut Berekening pensioen Uitbetaling pensioen
    Loontrekkende Federale Pensioendienst-Werknemerspensioenen (FPD) Federale Pensioendienst (FPD)
    Zelfstandige Het Rijksinstituut voor Sociale Verzekering van Zelfstandigen (RSVZ) Federale Pensioendienst (FPD)
    Ambtenaar Federale Pensioendienst-Ambtenarenpensioenen (FPD) Federale Pensioendienst (FPD)
    Gemengde loopbaan

    Pensioenpunt
    Afhankelijk van jouw situatie

  8. De berekeningswijze hangt af van jouw pensioenstelsel: werknemer, zelfstandige of ambtenaar. Ieder jaar in de maand mei ontvangen gepensioneerde loontrekkenden en sommige gepensioneerde ambtenaren vakantiegeld. Gepensioneerde zelfstandigen hebben daar geen recht op.

    1. Je bent werknemer

    Een aantal elementen beïnvloeden de berekening van jouw pensioen als werknemer:

    • de periodes waarin je effectief als werknemer hebt gewerkt. Sommige periodes waarin je niet of slechts deeltijds werkte, worden gelijkgesteld met effectieve arbeidsperiodes;
    • jouw loon. Met andere woorden: wat je door jouw werk verdiende (rekening houdende met bepaalde onder- en bovengrenzen);
    • jouw gezinssituatie op het moment dat je jouw pensioen ontvangt. Er worden twee tarieven gehanteerd: een tarief voor alleenstaanden en een tarief voor gezinnen.

    Voor elk jaar waarin je gewerkt hebt (met een maximum van 45 jaar), maakt de Pensioendienst volgende berekening:
    [(Totaal loon x herwaarderingscoëfficiënt)/45] x gezinssituatie (60% of 75%)

    Analyse van deze formule

    In de formule wordt de herwaarderingscoëfficiënt gebruikt om jouw loon aan te passen aan de huidige levensduurte. Het verkregen resultaat wordt gedeeld door 45, het aantal jaren van een volledige loopbaan. Het geheel wordt dan vermenigvuldigd met 60% (voor alleenstaanden) of 75% (voor gezinnen), in functie van jouw gezinssituatie op het moment dat je jouw pensioen ontvangt.

    Die formule levert een bedrag op: dat van jouw pensioen voor één jaar arbeid. De Pensioendienst maakt die berekening voor ieder jaar waarin je als loontrekkende hebt gewerkt. Op het einde van jouw loopbaan vertegenwoordigt de som van al die bedragen jouw jaarlijks bruto pensioen.

    We zijn het met je eens dat de berekening van het wettelijk pensioen niet eenvoudig is!

    Nuttige toelichtingen vind je op: berekening van het pensioen van werknemers.

    2. Je bent zelfstandige

    Voor de berekening van jouw pensioen als zelfstandige worden dezelfde regels toegepast als voor loontrekkenden. Daarbij wordt rekening wordt gehouden met een aanpassingscoëfficiënt omdat zelfstandigen minder hebben bijgedragen tijdens hun loopbaan. Er wordt een onderscheid gemaakt tussen de inkomsten vóór en die na 1984. Voor de jaren vóór 1984 ontvang je een forfaitair pensioen (niet afhankelijk van de hoogte van jouw inkomsten). Voor de jaren vanaf 1984 wordt het pensioen berekend op basis van de inkomsten waarop je sociale bijdragen hebt betaald.

    Net als in het geval van loontrekkenden, beïnvloedt jouw gezinssituatie op het moment dat je jouw pensioen krijgt (alleenstaande, gezin) het bedrag van jouw pensioen.

    De Wikifin-tips

    • Het wettelijk pensioen van zelfstandigen ligt over het algemeen lager dan dat van werknemers. Het is dus een goed idee om als zelfstandige een aanvullend pensioen op te bouwen.
    • Onder bepaalde voorwaarden hebben zelfstandigen met een laag inkomen recht op een gewaarborgd minimumpensioen. Vraag informatie bij het RSVZ.

    3. Je bent ambtenaar

    Voor de berekening van het wettelijk pensioen van benoemde ambtenaren gelden specifieke regels. Er wordt niet uitgegaan van jouw totale wedde, maar van jouw gemiddelde wedde in de laatste vijf jaar (of 10 jaar als je geen 50 jaar was op 1/1/2012) van jouw loopbaan. Om jouw jaarlijks bruto pensioen te berekenen, wordt die wedde vermenigvuldigd met het aantal gewerkte jaren in openbare dienst, en daarna gedeeld door 60.

    In tegenstelling tot wat geldt bij werknemers en zelfstandigen, heeft jouw gezinssituatie geen invloed op het bedrag van jouw pensioen als ambtenaar. Er wordt dus geen onderscheid gemaakt tussen gezinnen en alleenstaanden.

    Meer informatie over: het pensioen voor benoemde ambtenaren.

    4. Je had een gemengde loopbaan

    Naargelang het type gemengde loopbaan (bijvoorbeeld: werknemer en zelfstandige óf ambtenaar en werknemer), onderzoekt elke betrokken pensioeninstelling jouw pensioenrechten voor het statuut dat onder haar bevoegdheid valt. Jouw pensioen wordt dan berekend in verhouding tot het aantal gepresteerde arbeidsjaren onder een bepaald arbeidsstatuut. Als je meer dan 45 jaar loopbaan hebt, wordt alleen rekening gehouden met de 45 beste jaren.

    5. Schatting

    Wil je een juiste schatting van het bedrag van jouw wettelijk pensioen, op basis van jouw persoonlijke gegevens? Je kan dat onder andere aanvragen via MyPension.be.

  9. Jouw gezinssituatie kan inderdaad impact hebben op het bedrag van jouw pensioen (behalve voor benoemde ambtenaren). Er gelden twee tarieven: het tarief voor alleenstaanden (60% ) en het tarief voor gezinnen (75%).

    Voorwaarden voor het gezinstarief
    Je moet gehuwd zijn. Het gezinstarief geldt dus niet voor wettelijk samenwonenden. Jouw echtgenoot of echtgenote mag zelf geen pensioen en geen uitkeringen (werkloosheid, ziekenfonds, …) ontvangen. Jouw echtgenoot of echtgenote mag werken, zolang de inkomsten daaruit een bepaald plafond niet overschrijden.

    Meer informatie op: het tarief voor alleenstaanden en het gezinstarief

    De Wikifin-tip

    • Hebben jij en jouw echtgenoot of echtgenote recht op een pensioen als werknemer of zelfstandige, dan berekent de Pensioendienst automatisch de meest gunstige situatie. Ofwel ontvangt een van beiden een pensioen tegen gezinstarief, ofwel ontvangen jullie beiden een pensioen tegen het tarief voor alleenstaanden.

     

  10. Op jouw pensioen moet je sociale bijdragen en personenbelastingen betalen. Ze worden afgehouden door de pensioeninstelling die je jouw pensioen betaalt.

    Bijdrage gezondheidszorg (of ZIV-bijdrage):

    Het gaat om een bijdrage aan de sociale zekerheid voor de financiering van de ziekte- en invaliditeitsverzekering. Daarvoor wordt 3,55 % op het bruto bedrag (daarbij inbegrepen andere inkomsten zoals groepsverzekeringen) ingehouden als dat bedrag hoger is dan 1 778,14 euro voor gezinnen en 1 500,36 euro voor alleenstaanden (01.09.2018).

    Met andere woorden: niet alle gepensioneerden betalen een ZIV-bijdrage.
    Onthoud dat de ZIV-bijdrage jouw ziekenfonds-bijdrage niet vervangt. Ze geeft je trouwens geen enkel bijkomend recht op terugbetaling van geneeskundige zorgen.

    Meer informatie over: de ZIV-bijdrage.

    Solidariteitsbijdrage:

    Dit is een bijdrage van maximaal 2 %. Ze wordt berekend op het geheel van jouw pensioeninkomsten: jouw wettelijk pensioen uiteraard, maar ook andere voordelen zoals een groepsverzekering. Het bedrag van jouw bijdrage hangt af van het totaalbedrag van jouw pensioen en jouw gezinssituatie.

    Meer informatie over: de solidariteitsbijdrage.

    Bedrijfsvoorheffing:

    Het gaat om een voorschot op jouw belastingen. Om die afhouding te berekenen, wordt er rekening gehouden met jouw bruto-pensioeninkomsten, jouw aantal kinderen ten laste en jouw gezinssituatie. Onder een bepaalde drempel ben je geen bedrijfsvoorheffing verschuldigd. Zo worden ‘kleine’ pensioenen gespaard. De bedrijfsvoorheffing op jouw pensioen ligt altijd lager dan de bedrijfsvoorheffing op een loon van hetzelfde niveau.

    Meer informatie over: de bedrijfsvoorheffing.

    Ben je gepensioneerd ambtenaar? Dan wordt er van jouw pensioen ook een bijdrage voor een verzekering voor begrafeniskosten afgehouden. Ze bedraagt 0,5 % van het bruto pensioen.

  11. De wet bepaalt een plafond dat jouw pensioen niet mag overschrijden. Anderzijds worden ook de laagste inkomens beschermd. Heb je minstens twee derden van een volledige loopbaan als werknemer, als zelfstandige of in beide arbeidsstatuten gewerkt, dan heb je recht op een gewaarborgd minimumpensioen.

    Bedrag van het minimumpensioen


    Op 01.09.2019 bedraagt het minimumpensioen bij een volledige loopbaan:

      Minimumpensioen volledige loopbaan Minimumpensioen onvolledige loopbaan
    Rustpensioen als gezin € 18 612,57 € 18 542,39
    Rustpensioen als alleenstaande € 14 942,76 € 14 838,59
    Overlevingspensioen € 14 743,07 € 14 640,28

    Meer informatie op: het gewaarborgd minimum voor werknemers
    Meer informatie op: het maximumpensioen voor werknemers.

    Meer informatie op: het gewaarborgd minimum voor zelfstandigen
    Meer informatie op: het maximumpensioen voor zelfstandigen

    Ligt jouw ouderdomspensioen als ambtenaar onder het minimumbedrag van het gewaarborgd pensioen, heb je recht op een ‘supplement gewaarborgd minimum’.

    Meer informatie op: het gewaarborgd minimum voor ambtenaren
    Meer informatie op: het maximumpensioen voor ambtenaren

  12. De pensioenbonus is afgeschaft sinds 1 januari 2015.

    De regels voor diegene die op vóór 31 december 2014 al in aanmerking kwamen voor de pensioenbonus blijven wel geldig.

    Meer informatie over de pensioenbonus.

  13. Senioren met een inkomen onder het bestaansminimum komen onder bepaalde voorwaarden in aanmerking voor de inkomensgarantie voor ouderen (IGO).

    Sinds 1 januari 2014 werden de modaliteiten van de IGO gewijzigd.

    Wie een IGO ontvangt die toegekend werd volgens de oude regels, blijft die rechten behouden volgens die oude regels. De huidige betalingsvoorwaarden zijn wel van toepassing. De FPD kan het recht op een IGO wel herzien op basis van de nieuwe regels omwille van een feit dat zich voordeed na 31 december 2013.

    De voornaamste wijzigingen kan je hier raadplegen.

    Voorwaarden

    Je moet de leeftijd van 65 hebben bereikt.
    Je hebt jouw hoofdverblijfplaats in België en verblijft daar ook (quasi) voortdurend, op enkele uitzonderingen na. Als je twijfelt, kan je contact opnemen met de FPD-Werknemers.

    Aanvraag

    De FPD onderzoekt of je voor inkomensgarantie in aanmerking komt wanneer jouw pensioenrechten worden onderzocht, wanneer je al een pensioen als werknemer of zelfstandige ontvangt of wanneer je een tegemoetkoming of een integratiepremie ontvangt omwille van een handicap. Is dat niet het geval, dan kan je zelf een aanvraag indienen bij de FPD of de bevoegde diensten in jouw gemeente. Je kan die aanvraag online indienen via www.pensioenaanvraag.be.

    Bedrag van de IGO
    Het basisbedrag van de IGO bedraagt op 01.09.2018 maximum 745,57 euro per maand voor een samenwonende en 1 118,36 euro per maand voor een alleenstaande.

    Je moet de FPD op de hoogte houden van alle wijzigingen die de IGO kunnen beïnvloeden. Bv. wanneer de samenstelling van jouw gezin verandert of bij een verandering van jouw inkomsten.

    Meer informatie over de inkomensgarantie voor ouderen (IGO).